Oranje basketbal, beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald

Van mij mag iedereen doen alsof er niets aan de hand is. De situatie bij de Oranjemannen afdoen als een combinatie van pech en ach verliezen van Italië kan gebeuren. We gaan hard trainen en dan komt het vast goed.

In mijn ogen is het struisvogelpolitiek.

Het vlaggenschip van het Nederlandse basketbal is gestrand en maakt water.

De lopende reeks is: 3 keer winst en 10 nederlagen. De laatste zeven duels werden verloren.

Een reeks die doet terugdenken aan de donkere tijden van Oranjebasketbal, tussen grofweg 1990 en 2013.

Basketbal is in Nederland een piepkleine sport en krijgt navenant weinig aandacht. Maar zo’n reeks zou in elke sport tot commotie leiden. Niet alleen in het voetbal, ook bij hockey, handbal, volleybal en waterpolo..

In het geval van het basketbal lijkt het amper iemand te boeien. Ter illustratie; op de perstribune in Almere zaten maandagavond drie Italianen en twee Nederlanders (Aart Dekker en ik).

Betrokkenheid

Voor een bondscoach van Nederland is het roeien met de riemen die hij heeft. Dat betekent in de huidige situatie: geen spelers die -veel- ervaring hebben met spelen op het hoogste Europese niveau en een selectie met veel guards en centers. Daarbij zijn ze bij hun clubs veelal rolspelers.

En mocht iemand zich nog afvragen waarom ik tegen zoveel Amerikanen en andere buitenlandse spelers op de Nederlandse velden ben; zij spelen de meeste minuten, nemen de beslissingen, herkennen de momenten en nemen vaak de cruciale schoten. Als het dan bij Oranje belangrijk wordt, wreekt zich dat.

Omdat de kern van de huidige Oranjegroep al lang bij elkaar is, zouden hun rollen en karakters bekend moeten zijn. Bezoek een paar wedstrijden, praat met coaches et voila.

Tussen 2013 en 2019 ging het goed met Oranje omdat Van Helfteren zijn spelers, hun gedrag en hun karakters door en door kende. Hij haalde het maximale eruit. Op zijn manier, maar het werkte.

Van Helfteren was de baas en als het op het veld echt belangrijk werd, was hij de situatie meestal voor. Omdat zijn spelersgroep die sturing nodig had. Dat lukte ook niet altijd, maar vaker wel dan niet. Van Helfteren kon, en kan, goed improviseren.

De huidige groep van Oranje kan best aardig basketballen, bestaat uit goede gasten, maar heeft -nog steeds- geen echte leider. Eentje die het voorbeeld is op het veld en dat ook uitdraagt. Eentje die respect afdwingt, bepaalt wat er gebeurt en dat kan doen omdat hij zich bewezen heeft op topniveau.

Het is de realiteit. De IJslanders om maar een klein land aan te halen hebben veel spelers in goede competities.

Prestaties

Waar de eerste helft van Oranje op IJsland heel knap was, was de tweede helft episch slecht, op het schandalige af. Ik mag hopen dat niemand had gedacht dat de IJslanders zomaar de handdoek in de ring zouden gooien. Het zit niet in hun landsaard.

Ik snap daarom ook niet waarom er na de rust bij het startende Oranjeteam drie andere spelers op het parket stonden vergeleken met het begin van de wedstrijd. Een verkeerd signaal.

Het werd echt van kwaad tot erger. Alle rust in het spel verdween. Er was geen controle meer. Geen sturing. Daar bovenop ontbrak nog eens het leiderschap op en naast het veld.

Plan A was goed, dat bleek in de eerste helft. Maar toen de IJslanders anders gingen spelen, was er geen plan B of in ieder geval niet zichtbaar. Het werd krampachtig vasthouden aan plan A en daarna werd het hopen. Improviseren zat er niet in

Tegen Italië begonnen Haarms en Van der Mars naast elkaar. Dat werkte totaal niet en na de zwakke start (0-8) werd Oranje gedwongen tot achtervolgen. Binnen een kwartier stonden alle 12 spelers enige tijd op het parket.

In de tweede helft werd het net als op IJsland vooral hopen op succes. De Jong speelde de gehele 20 minuten. Samen met Franke nam hij de ploeg enerzijds bij de hand, maar anderzijds ebde net als op IJsland alle samenhang weg door de manier van spelen.

Sturing

Dat het misliep op IJsland, tegen Italië en überhaupt in de lopende reeks was misschien wel onvermijdelijk. Het lijkt er namelijk sterkt op dat er niemand is die oplossingen aandraagt als situaties veranderen.

In de nieuwste uitgave van Rebound staat een uitgebreid gesprek van mij met Erik Braal. Daarin ga ik in op de rol van een coach.

Ter illustratie dit stukje, waarin Braal reageert op een quote:

“To be as good as it can be, a team has to buy into what you as the coach are doing. They have to feel you’re a part of them and they’re a part of you.”

– Bobby Knight

“Ik denk dat je als coach altijd wel een paar wedstrijden in het seizoen hebt waarin je voelt dat je als coach voor het team het verschil hebt kunnen maken of iets hebt kunnen omdraaien. Het zijn vaak hele kleine dingetjes, die voor een momentumshift kunnen zorgen.

Dan heb je daar als coach een goed gevoel over, maar je voelt dan ook dat het team dat ook heeft. Dat ze denken: goed dat hij op de bank zit en dat hij ons helpt.”

De kleine dingetjes dus. Die hadden in de WK kwalificatie met drie nipte nederlagen het verschil kunnen maken. Maar dat is dus niet gebeurd.

Harde keuzes

Deelname aan het WK volgend jaar is geen optie meer, zo reëel moet je zijn. De resterende zes kwalificatieduels doen er feitelijk niet meer toe.

Voor die reeks moet nu gekeken worden naar het volgende EK (2025) en de kwalificatie daarvoor. De afgelopen drie jaar is alles (en iedereen) gericht geweest op de korte termijn. Maar wat aanwas mee laten trainen en niet alleen bij de centers had toch best gekund.  

Nu moet het roer om. Schoon schip maken voor het te laat is en Oranje helemaal terug is bij af. Dat betekent wat mij betreft niet dat Van Helfteren terug zou moeten komen. Oranje heeft een frisse wind nodig. Een relatief jonge Nederlandse coach die weet hoe het werkt.

Alleen wie moet deze knoop gaan doorhakken bij de NBB?

De algemeen directeur die er nu een half jaar zit is aangetrokken vanwege zijn commerciële capaciteiten. Een technisch directeur is er eigenlijk niet, alleen een interim en die komt uit de rol van teammanager. Degene die huidige staf hebben aangesteld, het komt nog uit het NMT-tijdperk, zijn niet meer betrokken bij de NBB. Dan blijft alleen de voorzitter over.

Dit begint een aardige paradox te worden.

Zeker omdat Oranje ook nog meedoet aan het EK. Het vlaggenschip van het Nederlandse basketbal zou daar sportief leuke zaken kunnen doen. In ieder geval de basketbalsport weer in de spotlights krijgen, wat ook commercieel belangrijk is (voor de clubs).

Maar zoals de vlag er nu bij hangt voorzie ik een lijdensweg richting en op het EK. De prestaties zijn slecht en de lichaamstaal van een flink aantal spelers op het parket in Almere richting hun coach sprak boekdelen. Daarbij hoor ik ook dat spelers morren over de situatie.

Realiteit is dat Oranje geen blik aan vervangers kan opentrekken. Het EK zal dus min of meer met deze groep gespeeld moeten worden. Het heeft geen zin om met een veredeld jeugdteam naar Praag te gaan om alle wedstrijd te worden geveegd.

Ik kan me zo een coach voor de geest halen die nu niet aan een club gebonden is (in tegenstelling tot Braal en Hammink) en begin dit jaar in zeer korte tijd de sfeer en de prestaties liet omdraaien bij een club die op degraderen stond. Hij heeft ervaring opgedaan bij grote en kleine clubs in België, Duitsland, Italië en kampioen geworden in Slowakije. Hij was bondscoach bij de jeugd en heeft gewerkt met een aantal Oranje-internationals. En hij heeft ook nog play-offduels in Nederland gezien.

Ik zeg: Bel Johan Roijakkers! Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald.