Wie houdt het hoofd koel in de 4e wedstrijd tussen Heroes en ZZ Leiden?

Er zijn voldoende mensen die vragen wat ik dinsdagavond verwacht van wedstrijd 4 in de serie tussen Heroes en Zorg en Zekerheid Leiden.

Ik ben geen helderziende. Wat ik wel weet is wat ik van Leiden kan verwachten: een goede verdediging en rustige verstandige aanvallen. Maar welk Den Bosch staat er op het parket in de Leidse Arena? Die uitgebalanceerde verstandige van wedstrijd 3 of de labiele ploeg die alle kanten op waaide in de voorgaande play-offwedstrijden?

Mijn inschatting is dat Leiden 80% kans heeft om dinsdag kampioen te worden. Tegelijk zijn de 20% kansen die ik Heroes toedicht om te winnen, en een vijfde wedstrijd uit het vuur te slepen, niet te verwaarlozen.

Voordeel
Grappig vind ik wel dat men in Leiden zegt dat de druk bij Den Bosch ligt want als ze verliezen, is het seizoen voorbij. Wat waar is natuurlijk. In Den Bosch, zeggen ze op hun beurt dat de druk bij Leiden ligt want als zij verliezen komt er een wedstrijd 5 in de Maaspoort waar Leiden in de serie een 2-0 voorsprong heeft weggegeven. Ook waar, maar het gaat in beide gevallen pas in de hoofden zitten als er tijdens de wedstrijd een gat wordt geslagen.

Ik ben ook benieuwd wat een uitverkochte Arena 1574 gaat betekenen voor de wedstrijd. Het is voor het eerst dat deze hal stampensvol zit nadat ZZ Leiden afscheid heeft genomen van de Vijf Meihal waarvan we weten dat het kon ‘spoken’.

In het kader van belachelijk: 24 euro vragen voor een staanplek in de Arena op het bordes aan de korte zijde, komt aardig in de buurt van belachelijk.

Mentaal
De vierde wedstrijd in acht dagen voelt iedereen. De ervaring leert dat een barrage aan driepunters dit soort finalewedstrijden niet gaat beslissen, behalve als een ploeg verzuimt te verdedigen. Het komt normaal gesproken aan op scores dichtbij de ring of afgeleid daarvan vrije worpen en persoonlijke fouten.

En dat is een mentaal dingetje. Want als beide teams verdedigen zoals ze kunnen, gaat het heel veel moeite kosten om de ring te bereiken (en scores te maken tegen een hoog percentage). En daar komt dan nog de vermoeidheid bovenop. Wie kan daar tussen z’n oren overheen stappen?

Het zal verleidelijk zijn om na een versnelling of een screen van enige afstand te gaan schieten, maar dat is de valkuil. En op dit facet heeft Leiden zich meer bewezen dan Heroes, dat eigenlijk alleen de laatste wedstrijd verstandig speelde.

Of Stumbris hersteld is van zijn griep is de vraag en zijn eventuele aanwezigheid kan een rol spelen voor Heroes. Bij Leiden is me opgevallen dat het aantal speelminuten van Marijn Ververs flink is afgenomen. In de halve finale speelde hij gemiddeld bijna 36 minuten.

  • Game 1: 38.23
  • Game 2: 28.22
  • Game 3: 24.46

Historie
Vijftien keer eerder in de geschiedenis van het Nederlandse play-offbasketbal werd er een vierde wedstrijd in de serie gespeeld met een tussenstand van 2-1 na een 2-0 of 0-2. De 1-1 tussenstand in de serie tel ik niet mee, want daar is nu geen sprake van.

In feite is het in de serie tussen Heroes en ZZ Leiden 1-2 omdat Leiden geen thuisvoordeel had en de eerste in Den Bosch won en de tweede in eigen huis.

Die reeks van 0-2 naar 1-2, zoals nu dus, is vijf keer eerder voorgekomen. Vier keer won vervolgens de thuisspelende ploeg om daarmee de serie te beëindigen.

Maar één keer eerder ging het van 0-2 naar 2-2 en daarna 3-2, voor de ploeg met thuisvoordeel dus. Dat was in het seizoen 2013-2014. Leiden won de eerste twee duels van Donar om er vervolgens drie op rij te verliezen.

Donar Leiden 44 73 -29
Leiden Donar 62 59 3
Donar Leiden 74 66 8
Leiden Donar 66 72 -6
Donar Leiden 76 62 14

Tien keer was het in de serie 2-0 en daarna 2-1, waarbij de ploeg met thuisvoordeel dus de eerste twee duels won en de uitspelende ploeg het derde duel won.

Van die tien keer werd het zes keer 3-1 en dus einde serie. En logischerwijs vier keer 2-2.

Van die vier keer dat er een vijfde wedstrijd kwam, won de thuisploeg er twee en de bezoekende ploeg ook. In het seizoen ’91-’92 overkwam dat Den Bosch tegen Den Helder.

De foto bij het artikel is van Robert Verboon.