Waarom Heroes de eerste van ZZ Leiden won

Charlon Kloof in wedstrijd 1 tegen ZZ Leiden (Foto: Robert Verboon)

Het eerste duel in de finaleserie tussen Heroes en ZZ Leiden was een leuke wedstrijd en dat kwam goed uit aangezien het duel live op tv was, 85-72. Leiden begon beter, Heroes knokte zich terug en op voorsprong waarna Leiden in de slotfase nog dichtbij kwam.

Het meest cruciale moment was twee minuten voor tijd. Leiden drong serieus aan, 76-71. De Leidse verdediging zat dicht en Heroes moest de bal uitnemen op de achterlijn met nog 4 seconden op de schotklok.

Als telt niet, maar als die bal er niet in was gegaan had ik het nog moeten zien. Het was wel een typische Luuk van Bree in play-offmodus score, eentje die ze in Leiden maar al te goed kennen. Nou schreef ik onlangs al dat de aanvoerder uit zijn vormdip was gekomen.

Die dip duurde best lang omdat de 29-jarige forward (met 3 titels uit Leiden op zak), denk ik, teveel voor zijn ploeg wilde doen. En terug naar de basics was Van Bree voor mij de meest waardevolle man op het veld, vooral omdat hij veel werk opknapte dat niet terug te zien is in de statistieken. Een feit valt dan wel op, namelijk zijn plus/minus van +19. En dat zegt veel.

Voor wedstrijd 1 stelde ik zeven vragen die ik nu beantwoordt omdat ze het verhaal van de wedstrijd vertellen.

1. Hoe houdt ZZ Leiden zich onder de verdedigende druk van Heroes, met Charlon Kloof voorop?

Uiteindelijk is het antwoord: niet goed genoeg. Want het gat dat Heroes in het tweede en derde kwart sloeg, kwam voort uit het verdedigende werk van de Bosschenaren, zoals gezegd zijn ze daarin de beste in Nederland. Na 26 gescoorde Leidse punten in het eerste kwart, kwamen er in de twee volgende kwarten respectievelijk 16 en 13 punten bij, waarna er in het derde kwart een maximaal gat van 15 punten op het bord kwam, 66-51.

De 72 gescoorde Leidse punten is het laagste aantal van de ploeg in zeven voorgaande play-offduels. Het is ook ruim onder hun gemiddelde dit seizoen van 78,3 punten. De 85 punten van Heroes zijn één puntje minder dan hun gemiddelde. Gemiddeld krijgt Den Bosch overigens 79 punten tegen.

2. Trekt ZZ Leiden de intensiteit (en de slimmigheidjes) door uit de gewonnen vijfde wedstrijd woensdag in Leeuwarden?

Ik vond dat Leiden goed aan de wedstrijd begon. De ploeg was niet onder de indruk van de uitverkochte Maaspoort en trok het goede spel uit de halve finale overduidelijk door.

Nou leek Heroes met een soort van lood in de schoenen aan de wedstrijd te beginnen. Het kan ook roest zijn na een weekje rust of gewoon de druk van een volle hal.

3. Welke ploeg heeft de langste periode van wisselvalligheid, ofwel wie krijgt de grootste run van de tegenstander om de oren?

Leiden kon er weinig aan doen dat Heroes goed ging spelen en gebruik maakte van zowel de aanwezige kwantiteit als kwaliteit, nadat het eenmaal de schroom van zich af had gegooid. Verdedigend is Heroes sterk, aanvallend kan het lopen als een tierelier. Al zit daar duidelijk een verband tussen.

En dat bleek wel in het vierde kwart. Na een driepunter van Dijkstra met nog zweven minuten te spelen stond de Maaspoort op de banken, 72-60.

Nou is niks zwart/wit en wat er op het veld gebeurt heeft altijd te maken met wat twee ploegen doen. Zo kwam Heroes op voorsprong door goed te spelen en gebruik te maken van Leidse zwakheden in de verdediging zeker inside.

Het omgekeerde gebeurde min of meer in een fase van vijf minuten na de score van Dijkstra, run 4-11. Heroes verloor een stuk concentratie en ging ‘gekke dingen doen in de aanval’. Een opmerkelijk vijftal van Leiden (Cook, Lall, Sicking, Kruithof en eerst Schaftenaar en later Van der List) toonde karakter, kreeg tegelijk ‘ineens’ verdedigend grip op de tegenstander en scoorde ook.

Tot het moment van Van Bree, toen hield het voor Leiden op vooral vanwege gepruts in de aanval, maar tegelijk ook goed verdedigend werk van Heroes.

4. Wie bepaalt het tempo van de wedstrijd en wordt het dan een hoge score waar Heroes meer voordeel van heeft, of een lage score die in het voordeel is van Leiden?

Het was grotendeels Heroes dat bepaalde wat er op het parket gebeurde en Leiden dat reageerde. Dat heeft alles te maken met wat ik hiervoor heb beschreven en is gelijk voor Leiden de opdracht in wedstrijd 2 dinsdagavond, al is dat makkelijker gezegd dan gedaan tegen dit Heroes dat relatief veel mogelijkheden heeft (verdedigend en aanvallend).

5.  Welke ploeg kan inside het meest dominant zijn (en vrije worpen afdwingen)?

Heroes was inside heer en meester. Het gemis van Greene maakt hier overduidelijk heel veel uit. Schaftenaar is te traag voor Cork en Van der List is eigenlijk geen 5. Zo was het verschil bij points in de paint heel fors:

  • HER 48
  • ZZL 32

Het aantal schoten, zeker bij de tweepunters, en vooral de percentages, lagen zo hoog dat het voor Leiden eigenlijk onmogelijk werd om te winnen.

Game 1 2P/%Q1Q2Q3Q4
Heroes5/7 (71%)9/11 (82%)7/12 (58%)3/8 (38%)
ZZ Leiden10/14 (71%)3/9 (33%)5/10 (50%)5/9 (56%)

Al kwamen ze dus nog een eind. Uiteindelijk heeft het sterke Bossche 2e kwart waarin constant de ring werd aangevallen, en de aanval als een warm mes in de boter leek, Leiden de das omgedaan.

Nou hadden beide ploegen problemen met hun driepunters, alleen Leiden iets meer.

  • HER 9/28 (32%)
  • ZZL 6/25 (24%)

Daar zaten in beide gevallen best wat open schoten bij en forse missers tot airballen aantoe. In de eigen Arena mag van Leiden verwacht worden dat de ploeg beter schiet. Als Den Bosch inside weer dominant is, is dat ook wel nodig ook.

6. Gaat (moet) Leiden in een zoneverdediging gaan staan en werkt die?

De zone is niet gebruikt, maar gezien het spelbeeld sluit ik zeker niet uit dat we die dinsdag wel zien.

7. Welke bank levert de belangrijkste bijdrage (let daarbij op Dorsey-Walker van Heroes en Lall van ZZ Leiden)?

Hier had Leiden toch echt wel een groot voordeel, al werd dat niet direct uitgedrukt in punten. Lall was veel beter dan Dorsey-Walker.

  • Bank HER 25 punten
  • Bank ZZL 27 punten

De plus/minus zegt veel meer:

  • Bank Her -18
  • Bank ZZL -2

Toch gaf uiteindelijk de Bossche bank wel de doorslag omdat de starters gewoon meer rust hadden. Dorsey-Walker was niet goed (al had hij wel 5 assists), maar door zijn aanwezigheid kon Williamson in 27 minuten 17 punten en 12 rebounds pakken.

Heroes had het verdedigend prima voor elkaar en vijf spelers in de dubbele cijfers wat de teamprestatie onderstreept. Opmerkelijk was wel dat Heroes 85 punten scoorde, Darthart er slechts 7 had (gemiddeld 16) en Dorsey-Walker slechts 5 (gemiddeld 10).

Zo’n diepe bank heeft Leiden niet, dat is een feit. Zeker niet zonder Greene (die overigens in burger niet mank liep) en naar verluidt viel Davis uit met ook een enkelblessure.

De wedstrijd zondag was de beste van Leiden in de hele play-offs en zal het gevoel geven dat er iets te halen is. Om te winnen van Den Bosch moet de verdediging iets beter en vooral constanter, maar heeft de ploeg ook de scores nodig van Stan van den Elzen. Hij had een plus/minus van -20 en de ondankbare taak om Williamson te verdedigen, die groter en sneller is. Van den Elzen zat heel lang op de bank, maar wat verdedigende hulp van zijn ploeggenoten in wedstrijd 2 en alles kan anders zijn.

Voor dinsdag verwacht ik dat Leiden, waar de druk ligt van het ‘moeten winnen’ in de tweede wedstrijd van de best-of-fiveserie, het initiatief wil pakken en dat is ook noodzakelijk, niet in het minst om het Leidse publiek in de wedstrijd te krijgen. Ik denk ook dat het heel lang een close-game blijft en dat het aankomt wie z’n hoofd het meest koel kan houden onder druk en dan helpt het als je minder vermoeid bent.

Wil je al mijn bijdrages persoonlijk ontvangen en niet afhankelijk zijn van social media-kanalen, abonneer je dan en krijg een mail bij een nieuw artikel.

Foto: Robert Verboon

Leon Kersten