Randy Wiel is een van de ‘mooiste’ mensen die ik heb gekend. Vandaag (zaterdag) is in Murfreesboro (Tennessee) het afscheid van Wiel die op 74-jarige is overleden aan de gevolgen van alvleesklierkanker, een strijd die acht jaar duurde. De uitvaart is later op Curaçao.
Ik kan me nog goed een play-offwedstrijd van zijn EiffelTowers in Bergen op Zoom herinneren. We hadden een goede band en ik besprak eigenlijk van alles met de coach. Zo ook die zaterdag. Overdag had ik met wat familie en vrienden voor het eerst in mijn leven kleiduiven geschoten. Daarom was ik ook wat laat in Bergen op Zoom. Een half uur voor aanvang raakte ik langs de lijn in gesprek met Randy over het schieten en eigenlijk raakten we de tijd kwijt. In zoverre dat toen de scheidsrechters bij ons stonden met de met de mededeling dat ze wilden beginnen, we wel wisten hoe laat het was. Wiel was een relaxte man, soms misschien wel iets te. De uitnodiging om eens langs te komen op zijn ranch in Tennessee had ik, helaas is het zover nooit gekomen.
Bondscoach was hij eigenlijk voor mijn tijd, als coach van EiffelTowers staat mij bij dat zijn teams dreven op de aanval. Maar, en dat is geen onbelangrijke, als het moest, echt moest, dan konden die teams wel verdedigen. Zo werd Ton Boot met zijn Donar verslagen in de zevende wedstrijd van de finale in 2006, het was toen voor het eerst dat Boot een play-offfinale verloor. En Wiel’s EiffelTowers versloeg later dat jaar Real Madrid (84-77) op de eerste speeldag van het EuroCup-seizoen. Een niveau waar Nederlandse teams nu alleen nog maar van kunnen dromen. Er is toen wel wat (understatement) geld uitgegeven dat er niet was, maar dat was Randy’s probleem niet.
Randy Wiel werd op 21 april 1951 geboren in Willemstad op Curaçao, zijn ouders waren Migielto and Mercedes Vrutaal Wiel. Randy groeide in Willemstad op met zeven broers en zussen. Hij trouwde 39 jaar geleden met Connie. Randy had in totaal vier kinderen. Hij haalde zijn masterdiploma lichamelijke opvoeding (Physical Education) op de universiteit van North Carolina.



Wiel was een man van wereld en hij kon praten als de beste, maar dat was niet het enige, zeker niet. Hij was een multitalent:
- Zwemmer (deelnemer namens de Antillen in 1967 aan de Pan-American Games in het Canadese Winnipeg)
- Atleet (sprinter ook namens de Antillen met persoonlijk record van 10.1 op de 100 meter, hij liep ook de 200 meter op de Olympische Spelen van 1968 in Mexico)
- Werkte bij de politie op Curaçao en Aruba
- Studeerde en basketbalde op de Universiteit van North Carolina
- Speelde in Nederland (Amstelveen, Leiden)
- Coachte op North Carolina (als assistent, van ’86 tot en met het kampioensjaar 1993) en was in charge op de universiteiten van UNC Asheville and MTSU
- Coachte in Nederland (als bondscoach en coach van EiffelTowers 2x kampioen en Rotterdam)
- Coachte in China en Mexico
- Muzikant (hij speelde jazz gitaar, trompet, piano en trad ooit op in het beroemde ‘Storyville’ in New Orleans)
- Hield paarden (was tweevoudig Amerikaans kampioen met Paso Fino paarden)
- Sprak 6 talen (Engels, Spaans, Frans, Portugees, Papiamento en Nederlands)








Uit oude interviews heb ik aantal cruciale onderwerpen uit het leven van Randy Wiel op een rij gezet:
Curaçao, 30 mei 1969
“Er was toen, ik noem het een revolutie, meer een klein burgeroorlogje, op Curaçao, tussen de upperclass en de Shell.”
Randy was toen een agent. “Heel jong, net uit de opleiding. Je bent negentien en ineens is er zoveel geweld. Bijstandseenheden, mensen worden neergeschoten. Je wordt gedwongen op heel jonge leeftijd volwassen te worden.”
Hij herinnert zich de chaos nog goed. “Het was precies zoals je dat op tv ziet: demonstranten tegenover de politie, stenen gooien. Er werd brand gesticht. Willemstad heeft nog steeds ruïnes uit die tijd.”
Ook Wiel moest toen zijn dienstwapen gebruiken. “En dat was niet leuk. Vooral in zo’n kleine gemeenschap, waar iedereen elkaar kent.”
Na de opstand werd hij overgeplaatst. “Daarom denken veel mensen dat ik Arubaan ben, maar dat is niet zo.”
Wat het met hem heeft gedaan? “Het maakt je waarderen wat leven is. Wanneer ik detectivefilms zie, waar politieagenten mensen neerschieten, dan vraagt niemand zich af wat er in zo’n agent omgaat. Maar in real life is het heel moeilijk om die trekker over te halen. Wanneer je weet: als ik dat doe, is hij de sigaar. Dat blijft bij je.”
Over coaching
Na een wedstrijd zoekt hij het liefst zo snel mogelijk de rust op. “Na wedstrijden wil ik meteen naar huis. Ik wil die film van de wedstrijd terugzien, meteen zien wat er goed ging en wat niet. Ik ben constant bezig, en dan ben ik heel laat op tot twee uur of half drie.”
“Mijn field of study was educational psychology,” zegt Randy Wiel. “Dus ik heb het constant met de spelers over het moment. Soms zegt een speler: man, ik had een hele slechte wedstrijd. Dat is gewoon een ‘mental state’. Je kan een slecht moment hebben, but you can do something about the next moment. En the next moment. Zodra je gaat zeggen: I had a bad week… nee, you control that. Mental toughness is heel belangrijk.”
In finales wordt dat volgens hem nog belangrijker. “That’s why you get paid. De spelers worden goed betaald om te presteren ‘when it matters’, onder druk. En dan zeg ik altijd tegen de spelers: the cream will come to the top.”
Zelf blijft hij rustig aan de zijlijn. “Ik werd altijd geleerd: je moet rust houden. Het werk moet op training gedaan worden. Op training mag je schreeuwen, spelers tot het uiterste krijgen, als ze boos worden, ‘push them harder’. En tijdens de wedstrijd moet je coachen. Als je tijdens de wedstrijd de hele tijd zit te brullen en te tieren, betekent het dat het werk niet op training gedaan is. En wanneer je goed boos wordt, moeten de spelers het weten. Als je constant zit te schelden, weten ze niet het verschil. Na een tijdje wordt je een soort ruis.”
Over zijn paarden
De Paso Fino, het paard van de Spaanse veroveraars, is het oudste authentieke inheemse paardenras op het westelijk halfrond. De wedstrijdsport is vergelijkbaar met de dressuur en deze show- en presentatiesport is een passie voor Wiel.
“Ik rijd al mijn hele leven,” zegt Wiel. “Paarden zijn een manier van leven op mijn geboorte-eiland Curaçao. Mensen daar rijden op paarden, niet op auto’s, dus het is iets dat deel uitmaakt van mij.”
Wiel, die zelfs te paard naar de drive-inbioscoop is geweest, bleef zijn passie voeden, lang nadat hij Curaçao had verlaten. Hij studeerde dressuur aan de wereldberoemde Weense Rijschool in Oostenrijk.
En onlangs hebben zijn jarenlange studie, training en een leven lang paardrijden hem geholpen om twee nationale titels te winnen, met Don Fernando (Zwarte Hengst) en Prodigio (Witte Hengst), wat wonderkind betekent in het Engels.
Bijna 500 jaar geleden, tijdens zijn tweede reis vanuit Spanje, bracht Christoffel Columbus een selecte groep merries en hengsten mee en vestigde ze in Santa Domingo.
Deze paarden waren een mix van Barb, Andalusische en Spaanse Jennet. Het resultaat van de kruising van deze paarden was dat ze bekend werden als het Paso Fino-ras – Los Caballos de Paso Fino, wat zich vertaalt naar ‘het paard met de fijne stap’.
En Wiel, die momenteel negen Paso Fino-paarden in zijn stal heeft staan, gevestigd in zijn huis in Murfreesboro, Tennessee, lijkt de concurrentie altijd een stap voor te zijn.
Dus wat vindt de mentor van het wonderkind van zijn zadel en showroutine?
“Dean [Smith] geeft de voorkeur aan golf”, lacht Wiel. “Ik maak hem constant wijs dat het makkelijker is om paarden te trainen dan basketballers, omdat paarden niet kunnen redeneren. Je kunt een speler leren om uit te boxen, maar hij kan nog steeds een fout maken, hoe hard je ook probeert. Maar een paard zal altijd je commando opvolgen.”
De foto bij het artikel is van Peter van de Velde.
