BNXT-play-offs zonder zekerheden, favorieten missen stabiliteit

Vier halve finalisten, nul zekerheden. Hoewel Heroes Den Bosch en Donar op papier de favorieten zijn voor een plek in de finale van de play-offs om het landskampioenschap, hebben ze net als hun tegenstanders Landstede en ZZ Leiden dit seizoen in de BNXT-league onvoldoende stabiliteit getoond om echt vertrouwen af te dwingen. Juist die grilligheid maakt de play-offs intrigerend: een serie kan zomaar kantelen als de schoten vallen, door een tactische vondst of door een verdedigende dip. De vraag is niet alleen wie het meeste talent heeft, maar vooral welke ploeg eindelijk een constant niveau weet te halen?

Die wisselvalligheid is er bij geen van de vier halve finalisten uitgegaan dit seizoen, mede door alle personele problemen die elke ploeg heeft gehad. Een jaar geleden zag iedereen dat Heroes, na de dramatische seizoenstart van toen, een opgaande lijn had en klaar was voor de play-offs. De twee keer 3-0 was een logisch gevolg. Op dit moment heb ik niet de indruk dat een van de vier teams zover is, zeker ook de titelverdediger niet. Voor de eerste wedstrijd vrijdag speelt de bijna twee weken rust van Heroes en Donar misschien een rol aangezien Landstede en ZZ Leiden een kwartfinale in de benen hebben. Rust roest, zeg maar.

Wat brengt de serie tussen Heroes en Landstede?
Desondanks is Heroes op papier de grote favoriet. Genoeg kwaliteit, genoeg wapens, diepe bank, ervaren spelers en coach en thuisvoordeel, maar ik omschreef de ploeg twee weken geleden niet voor niets als Jekyll and Hyde. Ik heb geen idee welk Heroes aan de halve finale tegen Landstede gaat beginnen. De ploeg heeft van de vier halve finalisten het hoogste plafond aangetikt dit seizoen, maar is ook het verst door de ondergrens gezakt. Het zou 3-0 kunnen worden, maar ik geef Zwolle een aanzienlijke kans op een stunt. Zeker als die ploeg een tandje kan bijschakelen ten opzichte van de kwartfinaleserie tegen Suns. Voor Zwolle zou het gunstig zijn als de scores rond de hooguit 80 per team blijven, wordt het hoger dan is Heroes in haar element.

De tactiek van de serie tussen Landstede en Subs is een interessante. Zwolle hield de paint dicht en dwong Suns tot individuele acties en jumpers, in feite liep die ploeg in de val van coach Gaëlle Bouzin. Die tactiek zou tegen Heroes ook goed kunnen werken, al heeft Den Bosch -veel- meer wapens in huis dan Suns. Heroes wil graag snel spelen en hun half-court offense is tot nu toe matig, ook omdat Xavier Cork lang niet beschikbaar was. Ik denk dat Charlon Kloof in het verloop van de serie wel voorzichtig minuten gaat maken, maar na vijf maanden afwezigheid lijkt deze serie te vroeg om impact te hebben. Zijn verdedigende intensiteit en drive naar de ring kan Den Bosch goed gebruiken, al lijkt Troy Koehler zijn rol aardig over te nemen. Door Kloofs afwezigheid krijgen de Zwolse guards ook wat meer ruimte om de aanval op te zetten met veelal een driepunter aan het einde.

De driepunter is gelijk de kracht en de zwakte van Landstede. Ze wonnen dit seizoen in Den Bosch door maar liefst 21 driepunters raak te schieten, maar aanvoerder Coen Stolk, de uitblinker van toen, is er helaas niet meer bij. Of het lukt om in de play-offs zoveel driepunters raak te schieten en dan minimaal drie van de vijf keer, het is een grote vraag? Overigens verdedigt Zwoll de driepunter van de tegenstander goed, beter dan de andere drie halve finalisten. Inside brengt de ploeg -te- weinig, al was de aanvallende rebound tegen Suns prima verzorgd, maar dat was niet het hele seizoen het geval. Hoe je het wendt of keert, het is Heroes die bepaalt hoe de serie gaat lopen.

Wordt serie Donar tegen ZZ Leiden een schaakspel?
De serie tussen Donar en ZZ Leiden kan fascinerend worden en kan weleens uitlopen op een ‘schaakspel’ met tactische zetten van de coaches. Donar heeft thuisvoordeel en de meeste kwaliteit, ZZ Leiden heeft in principe de meeste spelers en de meest ervaren coach. Het spel van beide teams is vergelijkbaar, de scores kunnen best hoog uitvallen. Balverlies kan in deze serie het sleutelwoord zijn.

Donar-coach Jason Dourisseau gebruikt eigenlijk maar zeven spelers (en dan tel ik de Zwitser Martin die net een maand in Groningen is mee) en zijn basis maakt veel minuten. Leiden-coach Doug Spradley, die afscheid neemt, verdeelt zijn minuten meer over de bank, maar Sam Huurman heeft een hersenschudding en Jibbe Sicking kampt met een enkelprobleem. Dit heeft serieuze gevolgen voor de diepte van de bank, al heeft Brandon Bergsma ‘iets’.

Voor beide ploegen geldt dat het soms lijkt alsof ze echt kunnen verdedigen, maar soms ook niet. In de aanval is die wisselvalligheid eigenlijk hetzelfde: soms scherp en soms bedenkelijk.

De vraag is wie van de twee dit over een langere periode stabiel kan doen om zo de wil op te leggen aan de ander? Beide willen vanuit de verdediging steals omzetten in makkelijke punten. Opmerkelijk is dat over het seizoen gezien Donar best veel balverlies lijdt en weinig balverlies bij de tegenstander afdwingt. En bij Leiden is het juist andersom. In de aanval zie ik ook parallellen omdat beide teams graag en veel driepunters schieten, maar ook inside kunnen gaan. Al vind ik Donar daar iets sterker, maar door het wegvallen van de op doping betrapte Erikstrup is het aanvallend beperkter geworden. Roeland Schaftenaar blijft op zijn 37e de slimste en effectief zo liet hij tegen LWD nog zien. Austin Luke is de motor van Donar, hij leek aan het eind van het seizoen wat minder scherp. Vraag is hoe de guard zich houdt in een lange reeks met om de dag wedstrijden?

Leiden verloor in de kwartfinale verrassend in Leeuwarden, vooral omdat het onherkenbaar tam was. Als de ploeg op vol vermogen draait zijn er kansen, maar dan moeten spelers als Lucas Kruithof, Stan van den Elzen en de drie Amerikanen wel allemaal goed spelen en de bank een toevoeging zijn.

Hoe zit het dit seizoen onderling?

  • 5 okt’25: Landstede – Heroes 71-79
  • 18 jan’26: Heroes – Landstede 77-91

  • 8 nov’25: Leiden – Donar 101-72
  • 4 apr’25: Donar – Leiden 75-65

Wat zeggen de cijfers?
Ik heb een aantal gemiddeldes op een rij gezet, met extra de cijfers van de driepunters omdat dit facet voor alle teams belangrijk is.

HeroesPPG3PM3PA3P%ORBDRBTRBAPGTOV
Totaal85.19.324.937.3%8.324.532.818.713.7
Tegenstanders82.19.726.536.8%8.122.130.216.713
LandstedePPG3PM3PA3P%ORBDRBTRBAPGTOV
Totaal80.39.426.335.8%6.823.229.918.113.6
Tegenstanders81.87.423.232.1%8.524.833.314.813.1
DonarPPG3PM3PA3P%ORBDRBTRBAPGTOV
Totaal82.89.428.433.1%10.92737.918.616
Tegenstanders83.11029.933.6%8.32331.316.611.6
ZZ LeidenPPG3PM3PA3P%ORBDRBTRBAPGTOV
Totaal85.78.824.635.9%8.922.631.519.214.6
Tegenstanders82.59.326.635.0%8.823.632.417.316.3

Vorige week schreef ik al een veelzeggende analyse over de BNXT-competitie aan de hand van de efficiencycijfers (vergelijking per 100 keer balbezit). Verdedigend (defense wins championships) was de volgorde: ZZ Leiden, Donar, Heroes, Landstede.

Wat zegt de play-offhistorie?
Den Bosch en Zwolle speelden in de historie van het Nederlandse play-offbasketbal zeven series tegen elkaar. Den Bosch won er vier, Zwolle drie. De laatste keer dat deze twee teams elkaar troffen in de play-offs was het seizoen 2018-2019, in hun eerste en tot nu toe enige kampioensjaar won Zwolle toen de halve finale met 3-1 (om vervolgens tegen Donar de finale te winnen).

Groningen en Leiden speelden 13 series tegen elkaar. Donar won acht series, Leiden vijf. Het laatste onderlinge treffen in de play-offs was het seizoen 2022-2023 toen Leiden de finaleserie won. Met die legendarische wedstrijd waar in de laatste 161 seconden van de wedstrijd een 16 punten achterstand door Leiden werd omgedraaid in een kampioenschap.

Leon Kersten