Finale thriller? Leiden en Zwolle ontlopen elkaar nauwelijks

Het affiche tussen ZZ Leiden en Landstede heeft het in zich om een van de mooiste play-offfinales in jaren te worden. De ploegen lijken aan elkaar gewaagd en het zouden zomaar vijf spannende wedstrijden kunnen worden voordat de kampioen bekend is. De eerste wedstrijd is woensdagavond in Leiden.

Beide zijn vanuit een underdogrol als nummer drie (Leiden) en vijf (Zwolle) van de Nederlandse teams in de BNXT-league in de kwartfinales begonnen en zowel ZZ Leiden als Landstede schakelde in de halve finales even verrassend als knap een favoriet uit.

Cruciaal feit
Ik kan van alles voorspellen, maar ik ben geen orakel. De geschiedenis van het Nederlandse play-offbasketbal heeft wel één redelijk cruciaal feit aangetoond, namelijk dat winst in wedstrijd één van de finaleserie bijna allesbepalend is:
Sinds 1978 is 89,4% van de winnaars van het eerste duel ook kampioen geworden.

Thuisvoordeel is enorm belangrijk zo blijkt wel uit het winstpercentage van 67% voor de thuisspelende ploeg in de finale. Sinds 1978 won dertien keer het bezoekende team de eerste wedstrijd, negen keer werd die ploeg uiteindelijk ook kampioen.

Hoe is het onderling dit seizoen?
De twee finalisten stonden dit seizoen drie keer tegenover elkaar: Zwolle won er twee, Leiden één.

  • 23 december’25: Landstede – ZZ Leiden 81-90
  • 4 januari’26: Landstede – ZZ Leiden 101-67 (beker)
  • 7 maart’26: ZZ Leiden – Landstede 88-92

Maar goed, ik schreef al dat beide teams de afgelopen weken een enorme ontwikkeling hebben doorgemaakt. Ze pieken op het juiste moment. Daarom een vergelijking op basis van hun play-offduels in efficiencycijfers (per 100 keer balbezit):

ZZ LeidenPlay-offsSeizoen%verschil
Aanv eff.117.5110.86.08%
Verd. Eff.109.3107.51.70%
Marge8.23.3148.86%
LandstedePlay-offsSeizoen%verschil
Aanv eff.104.5106.6-1.95%
Verd. Eff.94.6109.913.92%
Marge9.9-3.3400.51%

Een blik op de marge van deze efficiencycijfers leert dat beide teams een enorme sprong hebben gemaakt in de play-offs. Dat is deels te verklaren door het (logische) ontbreken van de Belgische tegenstanders in de Nederlandse play-offs die natuurlijk wel aanwezig zijn in het reguliere seizoen, maar ze zijn ook beter gaan spelen. Leiden is vooral beter gaan aanvallen en Zwolle vooral beter gaan verdedigen. Al zegt dit ook iets over hun tegenstanders, waar Groningen moeite had met verdedigen en Den Bosch kon niet meer aanvallen. Deze cijfers bevestigen mijn gevoel dat ZZ Leiden en Landstede dicht bij elkaar zitten. Wat de efficiency niet laat zien, is wat er gebeurt als het tempo omlaag gaat en een ploeg in één duel minder balbezit heeft. Dit is wat Leiden in de laatste twee duels tegen Donar deed en prima verdedigde met respectievelijk 71 en 77 punten tegen.

Wat zeggen de feiten?
Opvallend is dat beide teams gemiddeld per wedstrijd evenveel driepunters schieten: 9/25. Bij de vrije worpen (belangrijk in close games) is er ook amper verschil in de gemiddeldes: ZZ Leiden 14/19 en Landstede 14/18. Op veel vlakken zoals assists, fouten en balverlies liggen de statistieken ook heel dicht bij elkaar.

Verschillen zijn er natuurlijk ook. Leiden is van de twee de ploegen degene die de meeste aanvallende rebounds pakt. Dat scheelt er gemiddeld per wedstrijd 2,5. Het tempo dat Leiden in de wedstrijden hanteert is meestal iets hoger dan dat van Zwolle. Met als logisch gevolg dat Leiden vier schoten per wedstrijd meer neemt en dat kan verschil maken in close-games.

Beide teams hadden dit seizoen lang moeite met hun inside game, maar in de play-offs is dat -stukken- beter geworden. Ik denk dat hier de crux gaat zitten en dan niet alleen bij de lange mannen. Nate Roberts bij Leiden en Jalen Thomas halen nu het maximale uit hun spel. Maar hoe gaat het met de drives naar de ring voor de ‘makkelijkere’ scores, zoals de laatste van McCollum in Groningen? De ploeg die dat voor elkaar krijgt, ook mentaal, gaat denk ik kampioen worden.

Crunch time?
Als het echt spannend en close wordt, is het interessant om te kijken hoe de ploegen presteren onder druk in de slotfase. In het algemeen wordt dan gekeken naar de resultaten in duels waarin de marge bij de eindstand vijf punten om minder is:

  • Leiden 2-4 (inclusief de winst bij Donar in game 5)
  • Zwolle 3-3 (inclusief de winst op Leiden in competitie)

Hoe zit het met het personeel?
Een groot verschil zit er tussen beide coaches. Doug Spradley van Leiden is een ervaren rot die al meerdere kampioenschappen heeft behaald met zijn ploegen, onder andere twee landstitels met Leiden en een BNXT-kampioenschap ten koste van Oostende. Gaelle Bouzin is tweedejaars hoofdcoach en won nog nooit een titel als hoofdcoach, al heeft zij in Oostende als assistent wel het een en ander meegemaakt.

Voordeel voor Leiden is dat naast de coach, de ploeg meer ervaren is. Roeland Schaftenaar heeft zijn medespelers vast de onzichtbare kneepjes bijgebracht die in een finale nodig zijn. Lucas Kruithof was er in 2023 al bij toen Leiden kampioen werd. Zwolle heeft Leon Williams met veel ervaring, voor de anderen is dit de eerste keer, maar hun leercurve is steil gebleken.

Er zijn nog meer overeenkomsten, in mijn ogen is de belangrijkste dat ze een stuk beter zijn gaan verdedigen in de play-offs en mijn motto is ‘defense wins championships’. Bovendien zijn het twee echte teams geworden waarin iedereen zijn rol lijkt te weten en voor elkaar wil werken.

Beide teams schieten ook graag en veel driepunters, maar de ervaring leert dat de driepunter in een finalereeks na een lang seizoen in verhouding minder doorslaggevend wordt, getuige de laatste score van McCollum voor Leiden in Groningen wat een drive naar de ring was in plaats van een driepunter die hij ook had kunnen schieten.

Dit zijn de teams en hun gemiddelde cijfers over dit seizoen:

LeidenZwolle
PGMcCollum17.8p 2.0r 3.6aDobbs12.0p 1.4r 3.0a
SGScott-Grayson16.8p 4.6r 2.2aVan der Vuurst de Vries13.2p 5.0r 4.2a
SFKruithof5.2p 4.6r 0.8aWhitfield8.4p 5.6r 2.0a
PFBergsma9.0p 4.0r 1.6aHaskin8.8p 7.0r 1.0a
CRoberts7.2p 6.4r 1.6aThomas13.6p 9.0r 0.2a
BankMaconda6.0p 1.6r 3.0aWilliams5.6p 1.8r 4.6a
Van Den Elzen9.2p 2.0r 1.4aSajantila6.2p 2.6r 1.6a
Sicking6.2p 3.0r 0.4aCarter6.4p 3.2r 0.0a
Huurman3.0p 1.3r 0.3a
Schaftenaar5.3p 2.0r 1.0a

Hoe zit het met de bank?
In de play-offs kan de bank doorslaggevend zijn na een forse reeks van wedstrijden. Beide teams hebben al een kwart- en een halve finale achter rug. Leiden speelde acht duels, Landstede zes. In de finale worden het maximaal vijf duels in tien dagen (start 3 juni, eventueel vijfde duel op 11 juni).

Doug Spradley gebruikt voor Leiden in de play-offs tien spelers. Voor Zwolle gebruikt Gaelle Bouzin acht spelers met de aantekening dat Carter in de serie tegen Den Bosch maar weinig in actie kwam. Feit is dat Landstede de belangrijke aanvoerder Coen Stolk een maand geleden is kwijtgeraakt omdat hij moest stoppen na vier hersenschuddingen.

Hoe zit het historisch?
ZZ Leiden werd zes keer kampioen van Nederland, voor het laatst in 2024, en speelde in totaal 15 finales. Landstede werd in 2019 kampioen en speelde in 4 finales.

Leiden en Zwolle stonden sinds de invoering van de play-offs in Nederland in het seizoen 1977-1978 nog nooit in de finale tegenover elkaar.

Wel speelden ze acht series tegen elkaar in kwart- en halve finales; Leiden won zeven series, Zwolle één. Er waren 29 onderlinge play-offduels met 22 overwinningen voor Leiden en 7 voor Zwolle.

16 duels waren in Leiden, de thuisploeg won er 14 en Zwolle, dat nu geen thuisvoordeel heeft en dus één keer moet winnen in Leiden om kampioen te worden, won daar pas twee keer. De gemiddelde onderlinge uitslag is hier: 78,7 – 69,4.

13 duels waren in Zwolle, de thuisploeg won ‘maar’ vijf keer en Leiden dus acht keer. De gemiddelde onderlinge uitslag is hier: 75,4 – 75,5.

In finaleduels in de play-offs is het winstpercentage voor de thuisclub 67,1%.

De gemiddelde uitslag in de finale is: 79,3 – 74,2.

Opmerkelijk detail
Het is pas de tweede keer in 21 jaar dat de finale niet bestaat uit of Den Bosch of Donar tegen een andere tegenstander. In het seizoen 2004-2005 ging de finale tussen Amsterdam en Zwolle (Amsterdam werd toen kampioen). In 2013 werd Leiden kampioen ten koste van Leeuwarden.

De foto bij het artikel is van Marja van Tilburg-de Lange.

Leon Kersten