De New York Knicks staan op de drempel van het NBA-kampioenschap. Ze hebben in de finaleserie tegen de San Antonio Spurs nog één overwinning nodig. De Knicks hebben best wat te danken aan Nederland voor wat betreft hun ontstaan en hun identiteit, al moeten we ver terug. Nog veel verder dan hun vorige titels in 1970 en 1973.
De Knickerbockers
Auteur Washington Irving, die op Manhattan werd geboren (1783-1859), is de link tussen Nederland en de New York Knicks. Voor zijn satirische roman ‘A History of New York’ uit 1809 creëerde Irving een personage: Diedrich Knickerbocker. Irving beeldde zijn hoofdrolspeler af als een ouderwetse Nederlandse historicus.

Irving gaf zijn boek, die de geschiedschrijving van zijn tijd bespotte, de ondertitel ‘Van het begin der wereld tot het einde van de Nederlandse dynastie’.
Begin 17e eeuw stichtten de Nederlanders Nieuw-Nederland, een kolonie die zich uitstrekte over de oostkust van de latere Verenigde Staten. De hoofdstad, Nieuw-Amsterdam, lag op het zuidelijkste puntje van het huidige Manhattan. Hoewel het Nederlandse gebied in 1664 uiteindelijk door de Engelsen veroverd werd, drukten de Nederlanders hun stempel op New York, onder andere via vooraanstaande families van Nederlandse afkomst in de stad en de staat.
De familienaam Knickerbocker
De stamvader van de familie Knickerbocker zou een zekere Harmen Janse zijn geweest. Bronnen meldde dat hij zich in Albany in de staat New York vestigde. Het is niet zeker wanneer hij precies leefde (globaal 1640-1710). Ook is niet helemaal duidelijk wat zijn -oorspronkelijke- achternaam was (in de archieven worden Van Turkeyen, Van Bommel, Van Wye, Boertie en varianten van Knickerbocker genoemd).
Uiteindelijk hebben geschiedkundigen het ontstaan van de naam Knickerbocker vast kunnen stellen. Zijn nakomelingen hebben die naam teruggevoerd op een akte uit 1682 waarin de man wordt aangeduid als Harmen Janse ‘kenne ker backer’. Dit kan worden geïnterpreteerd als ‘bekend als de bakker’.
Harmens kleinzoon, Herman Knickerbocker, was lid van het Amerikaanse Congres en een vriend van Washington Irving. Voor Irving riep de naam Knickerbocker blijkbaar een Nederlandse sfeer op die paste bij zijn satirische boek. Dus koos hij de naam Knickerbocker.
Wat Irving in die tijd al heel slim deed, was de marketing van zijn boek. Hij liet in de krant zetten dat Diedrich Knickerbocker was vermist en riep op tot tips. Zo werd het verhaal in New York steeds groter en steeds meer omarmt.
Met het succes van ‘A History of New York’ veranderde het gebruik van de naam Knickerbocker van een vriendelijke plagerij in een geliefde bijnaam. Halverwege de 19e eeuw werd Knickerbocker een naam voor ‘een afstammeling van de oorspronkelijke Nederlandse kolonisten van New York’.
Eind 19e en beging 20e eeuw werd ‘Vader Knickerbocker’ symbool van de stad New York, compleet met katoenen pruik, driekantige hoed, schoenen met gespen en natuurlijk een knickerbockerbroek.
Langzaam maar zeker werd Knickerbocker een algemene bijnaam voor ‘een New Yorker’ en een symbool van de rijke culturele geschiedenis van New York en het ging steeds meer staan voor trots en doorzettingsvermogen.
Dat bleek ook uit een artikel in de New York Times uit 1933 over Washington Irving:
…de uitvinder van die pater Knickerbocker, die met zijn korte broek, diepe zakken, lange jas en driehoekige hoed de beeldende belichaming is geworden van de stad die ooit het Nederlandse Nieuw-Amsterdam was en nu het kosmopolitische New York is.
De andere betekenis van knickerbockers
Knickerbockers, de broeken, kwamen in de mode in de tweede helft van de 19e eeuw. Ze komen tot de knie en zitten los om de (boven)benen. Veel mensen vonden dat ze leken op de broeken uit het verhaal van Irving met hoofdpersoon Diedrich Knickerbocker, die getekend waren in A History of New York. Vandaar de naam knickerbockers.
Het Oxford English Dictionary vermeldt knickerbockers al in 1859 als een loszittende, knielange broek. In 1881 werd knickerbockers afgekort tot knickers, een soortgelijk ondergoed.

Als broek waren de losvallende knickerbockers populair bij atleten. Onder andere gedragen door de Knickerbocker Base Ball Club in New York die in 1840 werd opgericht.
Ruim honderd jaar later, net voor de Tweede Wereldoorlog, raakte de term ‘Knickerbocker’ steeds meer verbonden met alles wat met New York te maken had. Zo bestond er Jacob Rupperts Knickerbocker Beer. In 1938 was er de Broadway-musical Knickerbocker Holiday. Er waren ook de beroemde roddelcolumnisten Cholly en Suzy Knickerbocker.
Start professioneel basketbal
In 1946 zag de Basketball Association of America het daglicht. Professioneel ijshockey bestond al en zakenmensen zagen hun arena’s vaak leegstaan. Door het succes van college basketbal was de stap naar het professionele basketbal snel gezet. In New York werd een team opgericht en er was één naam die boven de rest uitstak.
“De naam werd willekeurig gekozen”, herinnerde Fred Podesta, directeur van de Garden, zich. “We zaten op een dag allemaal op kantoor. Ned Irish (teameigenaar), Lester Scott (publiciteit) en met een paar andere medewerkers. We stopten allemaal een naam in een hoed. Toen we ze eruit trokken, stond op de meeste briefjes: ‘Knickerbockers’ het symbool van New York City. Het werd al snel afgekort tot Knicks.”
De eerste kans voor de Knicks om de titel binnen te slepen is in de nacht van zaterdag op zondag, dan wordt er in San Antonio gespeeld.
Logo heeft ook Nederlandse roots
Het logo van de Knicks uit 1946 toonde vader Knickerbocker zelf, gekleed in een knickerbockerbroek en gekleurd in blauw, wit en een typisch oranje.

De blauw-oranje kleuren van New York gaan terug tot 1625, naar de Nederlandse wortels van de stad, de tijd van Nieuw-Amsterdam.
Blauw en oranje waren de kleuren van de vlag van de Nederlandse Republiek, ofwel de ‘Prinsenvlag’ (maar dan een kwartslag gedraaid).

De vlag van de stad New York heeft de drie kleuren van het Nederlandse koningshuis: blauw, wit en oranje met een zegel in het midden. Op het zegel op de vlag zie je een zeeman, een bever, een windmolen en meelvaten, allemaal verwijzingen naar de vroege handelswortels van de stad.
De blauw-wit-oranje vlag die tegenwoordig in New York wappert, is een aangepaste versie van de vlag die voor het eerst boven de oorspronkelijke Nederlandse haven werd gehesen. In tegenstelling tot de Engelse en Franse kolonisten werd de kolonie Nieuw Amsterdam gesticht in een geest van handel en met een mentaliteit waarin iedereen welkom was.
Professor Christina Greer aan de Universiteit van Fordham deed onderzoek naar de betekenis van kleuren voor mensen. Voor velen staat blauw voor vertrouwen, stabiliteit en betrouwbaarheid. Oranje staat voor energie, enthousiasme en trots.
