ZZ Leiden een mooie kampioen die ten koste van Heroes gaat strijden om BNXT-titel

Landskampioen Zorg en Zekerheid Leiden begint maandagavond aan de strijd om de BNXT-titel. Voor het derde jaar op rij in het driejarig bestaan van de BNXT-league is Oostende weer de tegenstander. Het ‘kleine’ Leiden won de voorgaande twee edities. Net zoals de vorige twee keer is Oostende de favoriet, maar wat zegt dat?

Lijkt mij wel dat de Belgische recordkampioen erg gemotiveerd zal zijn om de gezamenlijke titel een keer te pakken. Het gaat trouwens om een best-of-three (maandag, woensdag en eventueel vrijdag). Overigens vind ik het gehalte gezamenlijke competitie vrij laag als alleen de beide landskampioenen mogen strijden om de BNXT-titel, het is zo meer een supercup.

Wat beide teams gemeen hebben is dat ze op een onooglijke dag kampioen zijn geworden. Oostende op maandagavond, Leiden op dinsdag avond. Wie bedenkt dit toch?

Hoe het met de media-aandacht in België zit weet ik niet, maar in Nederland was het minimaal. Zeker op een dinsdag en dat was te voorzien. De NOS was er live op de radio en voor een korte reportage op televisie en online. Verder de beide regionale kranten en dat was het zo ongeveer wel.

Op deze manier schiet het basketbal er helemaal niets mee op. Sterker nog, geen enkele finalewedstrijd was live te zien op een open net beschikbaar voor heel Nederland terwijl drie van de vier duels echt leuk waren om naar te kijken.

Hoewel steeds meer mensen online kijken, ik weet het uit mijn werk als online-eindredacteur bij Omroep Brabant maar al te goed, is het kijken van live sportwedstrijden als een van de weinige televisieprogramma’s nog iets wat mensen op hun televisie willen beleven. Sorry gelijk voor de paar honderd streamkijkers van de BNXT, maar zij hadden geen keus. Een jaar geleden keken er op zondag nog meer dan 460.000 mensen naar de eerste finalewedstijd tussen Leiden en Donar.

Haast
Gelijk kom ik dan uit bij de planning van de play-offs. Het voorspel genaamd competitie begon medio september en duurde tot en met april, globaal 7 maanden. Dan wordt het toetje van het seizoen in een maandje afgerond en de finale in maar liefst acht dagen, een vijfde wedstrijd was op de tiende dag geweest.

Waarom die haast bij het pronkjuweel van je competitie? Dat wil je toch uitmelken en de spelers in hun beste staat en vorm zien? Dat gebeurt niet met een reeks in een zo’n kort mogelijke periode.

Lijkt mij dat de finalewedstrijden gewoon in de volgorde: weekend, midweeks, weekend gespeeld kunnen worden. Wedstrijd vier en vijf zou je dan op vrijdag en zondag kunnen doen, of eventueel zaterdag en zondag. In ieder geval ligt dan het zwaartepunt in het weekend.

Volgend seizoen gaan er veel meer competitiewedstrijden gespeeld moeten worden (36 in plaats 28). Extra ruimte voor de play-offs zal er daardoor niet ontstaan of het seizoen moet opgerekt worden en dat zal niet gebeuren omdat het (salaris)kosten met zich meebrengt.

Ik snap niet dat er voor deze competitievorm is gekozen met zoveel duels, een soort van splitsing zoals ik al eens beschreef, is in mijn ogen logischer. Om de spanning erin te houden, maar ook om het publiek dat naar de hal moet komen ‘warm’ te houden. Ik voorzie dat zij toch de krenten uit de pap gaan kiezen, ook omdat er al jaren geen overzichtelijk speelschema meer is van ene weekend thuis en andere weekend uit.

Continuïteit
Qua kampioen van Nederland is niets op ZZ Leiden af te dingen. Het is een uitgebalanceerde ploeg, met een goede verdediging en goed gecoacht. Mooi ook om te zien dat Nederlandse mannen als Ververs, Bouwknecht, Van Bree, Kruithof en Schaftenaar belangrijke rollen kunnen vervullen als het belangrijk wordt. Wat dat betreft is jammer van Van den Elzen en Sicking geblesseerd waren.

Een paar weken geleden was ik te gast bij de ZZ Leidenpodcast. Diego Ouwerkerk vroeg me toen naar het geheim van Leiden. Ik zei toen al: de continuïteit. Voorzitter Marcel Verburg zit er vanaf het begin (in 2006), de andere bestuursleden en medewerkers zitten er veelal lang. Dat brengt rust.

Voor de selectie geldt min of meer hetzelfde en de Nederlandse kern zorgt dan voor de cultuur. De imports zijn over het algemeen toevoegingen die precies passen, zich aanpassen en, zoals nu in de finale, iets extra’s kunnen brengen.

Gardner had zijn moment en in wedstrijd vier was Jones in scorende zin niet te stoppen. Maar de hele ploeg piekte op het moment dat het moest.

Verschilmaker
Dit pieken kun je niet stellen voor Heroes, wel was er een Nederlandse kern. De Bossche formatie haalde dit seizoen al snel een zeker niveau en verbeterde daarna eigenlijk niet meer. Voor het tweede jaar op rij. Een jaar geleden zijn er harde woorden gevallen bij de evaluatie van het seizoen en dat zal nu niet anders zijn. Dan zullen ook de individuele prestaties van de coach en de spelers ter sprake komen.

Nou kampte Heroes met blessures en een onwillige Amerikaan, maar goed die laatste is gehaald en over de blessuregevallen moet maar eens goed gesproken worden.

Nou was het verschil tussen ZZ Leiden en Heroes ook weer niet zo groot. Wat mij betreft is het heel simpel te herleiden naar één positie en één man in het bijzonder: Roeland Schaftenaar.

De 35-jarige center nam Leiden eigenlijk bij de hand in de finale als een soort generaal. Misschien was het minder opvallend dan Ververs, Jones of Gardner, maar Schaftenaar maakte eigenlijk gehakt van zijn directe tegenstanders Kok en Van der Mars. In scores, maar ook met zijn -tactisch- inzicht zorgde hij voor een flink overwicht. Voor mij is hij de echte MVP.

Of Schaftenaar zijn lange carrière een vervolg geeft, is de vraag? En of Van Bree en Ververs nog langer in Leiden blijven is twijfelachtig. De Helmonder Van Bree zal nog wel eens keertje om tafel gaan met een clubeigenaar uit Gemert. En Ververs schijnt ook te willen vertrekken, maar met een clausule in zijn contract dat hij niet bij een andere BNXT-ploeg mag spelen, is het niet makkelijk. Misschien dat Hammink bij Antwerpen wel interesse had gehad en anders is Duitsland wellicht een optie, daar zijn meer oud-Leidenaren terecht gekomen.

Herstart
Voor Heroes zal het neerkomen op -weer- opnieuw beginnen. Nu Jos Frederiks langzaam maar zeker weer een rol(letje) krijgt, wordt het beleid wellicht wat helderder. Oud-speler Frederiks was jaren de technische man in Den Bosch totdat hij er genoeg van had en zijn eigen bedrijf begon.

De situatie bij Heroes is sinds de komst van de aandeelhouders veranderd en Frederiks is voor de steenrijke mannen, die niet zoveel verstand hebben van basketbal, maar wel van zaken doen, een aanspreekpunt. En ook Erik Braal maakt daar gebruik van.

Nou gaat Frederiks niet in een actieve rol terugkeren, eerder als een soort externe adviseur. In zijn voorgaande periode was zijn spelersbeleid vrij helder. Namelijk een sterke Nederlandse kern (met heldere waarden en normen) om mee te bouwen en de -paar- imports moeten een toegevoegde waarde hebben, denk aan Taj Wesley en Dejan Kravic die met zijn Spaanse werkgever nog drie keer de Champions League won.

En inderdaad als je dit laatste over een sterke Nederlandse kern en toegevoegde waarden nu leest en denkt: dit schreef je net toch ook over Leiden? Dat klopt.

Tot slot kan ik zeker waarderen als men her en der schrijft dat ik laat ben met een analyse of men vraagt om bepaalde mensen eens aan de tand te voelen. Let wel, ik heb een fulltime verantwoordelijke baan en basketbal doe ik er bot gezegd bij. Natuurlijk is mijn werk voor de NOS betaald, maar al het andere basketbal valt in mijn vrije tijd en dan is het keuzes maken. Ook ik ben voorstander van meer basketbal, sta er zeker voor open, maar voor niets gaat de zon op.

Wie houdt het hoofd koel in de 4e wedstrijd tussen Heroes en ZZ Leiden?

Er zijn voldoende mensen die vragen wat ik dinsdagavond verwacht van wedstrijd 4 in de serie tussen Heroes en Zorg en Zekerheid Leiden.

Ik ben geen helderziende. Wat ik wel weet is wat ik van Leiden kan verwachten: een goede verdediging en rustige verstandige aanvallen. Maar welk Den Bosch staat er op het parket in de Leidse Arena? Die uitgebalanceerde verstandige van wedstrijd 3 of de labiele ploeg die alle kanten op waaide in de voorgaande play-offwedstrijden?

Mijn inschatting is dat Leiden 80% kans heeft om dinsdag kampioen te worden. Tegelijk zijn de 20% kansen die ik Heroes toedicht om te winnen, en een vijfde wedstrijd uit het vuur te slepen, niet te verwaarlozen.

Voordeel
Grappig vind ik wel dat men in Leiden zegt dat de druk bij Den Bosch ligt want als ze verliezen, is het seizoen voorbij. Wat waar is natuurlijk. In Den Bosch, zeggen ze op hun beurt dat de druk bij Leiden ligt want als zij verliezen komt er een wedstrijd 5 in de Maaspoort waar Leiden in de serie een 2-0 voorsprong heeft weggegeven. Ook waar, maar het gaat in beide gevallen pas in de hoofden zitten als er tijdens de wedstrijd een gat wordt geslagen.

Ik ben ook benieuwd wat een uitverkochte Arena 1574 gaat betekenen voor de wedstrijd. Het is voor het eerst dat deze hal stampensvol zit nadat ZZ Leiden afscheid heeft genomen van de Vijf Meihal waarvan we weten dat het kon ‘spoken’.

In het kader van belachelijk: 24 euro vragen voor een staanplek in de Arena op het bordes aan de korte zijde, komt aardig in de buurt van belachelijk.

Mentaal
De vierde wedstrijd in acht dagen voelt iedereen. De ervaring leert dat een barrage aan driepunters dit soort finalewedstrijden niet gaat beslissen, behalve als een ploeg verzuimt te verdedigen. Het komt normaal gesproken aan op scores dichtbij de ring of afgeleid daarvan vrije worpen en persoonlijke fouten.

En dat is een mentaal dingetje. Want als beide teams verdedigen zoals ze kunnen, gaat het heel veel moeite kosten om de ring te bereiken (en scores te maken tegen een hoog percentage). En daar komt dan nog de vermoeidheid bovenop. Wie kan daar tussen z’n oren overheen stappen?

Het zal verleidelijk zijn om na een versnelling of een screen van enige afstand te gaan schieten, maar dat is de valkuil. En op dit facet heeft Leiden zich meer bewezen dan Heroes, dat eigenlijk alleen de laatste wedstrijd verstandig speelde.

Of Stumbris hersteld is van zijn griep is de vraag en zijn eventuele aanwezigheid kan een rol spelen voor Heroes. Bij Leiden is me opgevallen dat het aantal speelminuten van Marijn Ververs flink is afgenomen. In de halve finale speelde hij gemiddeld bijna 36 minuten.

  • Game 1: 38.23
  • Game 2: 28.22
  • Game 3: 24.46

Historie
Vijftien keer eerder in de geschiedenis van het Nederlandse play-offbasketbal werd er een vierde wedstrijd in de serie gespeeld met een tussenstand van 2-1 na een 2-0 of 0-2. De 1-1 tussenstand in de serie tel ik niet mee, want daar is nu geen sprake van.

In feite is het in de serie tussen Heroes en ZZ Leiden 1-2 omdat Leiden geen thuisvoordeel had en de eerste in Den Bosch won en de tweede in eigen huis.

Die reeks van 0-2 naar 1-2, zoals nu dus, is vijf keer eerder voorgekomen. Vier keer won vervolgens de thuisspelende ploeg om daarmee de serie te beëindigen.

Maar één keer eerder ging het van 0-2 naar 2-2 en daarna 3-2, voor de ploeg met thuisvoordeel dus. Dat was in het seizoen 2013-2014. Leiden won de eerste twee duels van Donar om er vervolgens drie op rij te verliezen.

Donar Leiden 44 73 -29
Leiden Donar 62 59 3
Donar Leiden 74 66 8
Leiden Donar 66 72 -6
Donar Leiden 76 62 14

Tien keer was het in de serie 2-0 en daarna 2-1, waarbij de ploeg met thuisvoordeel dus de eerste twee duels won en de uitspelende ploeg het derde duel won.

Van die tien keer werd het zes keer 3-1 en dus einde serie. En logischerwijs vier keer 2-2.

Van die vier keer dat er een vijfde wedstrijd kwam, won de thuisploeg er twee en de bezoekende ploeg ook. In het seizoen ’91-’92 overkwam dat Den Bosch tegen Den Helder.

De foto bij het artikel is van Robert Verboon.

Heroes kan het dus toch en brengt spanning terug in serie tegen ZZ Leiden

De finale van de play-offs om het landskampioenschap leek uit te gaan als een nachtkaars. ZZ Leiden was in wedstrijd 1 en 2 gewoon veel te goed voor Heroes.

Wedstrijd drie leek een formaliteit te worden. Dat werd het niet door Lee Moore die zichzelf onmogelijk maakte. Tijdens wedstrijd 2 in Leiden misdroeg hij zich al op het veld in woord en gebaar, zoals ik beschreef, zeker richting zijn coach. Dat deed hij na de wedstrijd in de kleedkamer nog eens dunnetjes over.

Moore was de beste en moest en zou veel spelen en vaak de bal hebben, was zijn boodschap kort en bondig (zonder expliciete toevoegingen). Dat hij daarmee zijn team(genoten) afviel, en Boy van Vliet in het bijzonder, had de Amerikaan vast niet in de gaten. Deze houding had hij al een tijdje, maar het kwam tot afgelopen donderdag niet echt aan de oppervlakte. De bom barstte flink en Braal kon hem niet anders dan wegsturen.

In de ‘must-win’ wedstrijd 3 reageerde Heroes, ook nog zonder de zieke Stumbris die donderdag eigenlijk toch niet kon spelen vanwege ziekte, vol verbetenheid. De ploeg bleek weer een team te zijn dat wilde strijden. En als team werd ZZ Leiden verslagen in een heerlijk gevecht in een bijna uitverkochte en sfeervolle Maaspoort.

Zoals al vaker gezegd is Leiden een machine en ook nu deed de ploeg weinig geks. De ploeg liet zich niet intimideren door het spel van Den Bosch. De Leidse verdediging was het sterkste wapen en Jones speelde lang weergaloos en nam zijn ploeg op sleeptouw.

Alleen had de titelverdediger dit keer de grootst mogelijke problemen met de dadendrang van Den Bosch. Hun verdediging sloot en de aanval was opvallend geduldig met een belangrijke rol voor Van Vliet die de machine liet draaien. Bovenal was Heroes nu een team, net als Leiden, en voor het eerst in weken, bleef het een team zonder inzinking.

Leiden kan nu dinsdag in eigen huis kampioen worden en ik zou zeggen dat de meeste scenario’s daar ook op uitkomen. Simpelweg omdat het een goede ploeg is die niet zomaar van slag is. Wel was de nederlaag in Den Bosch de eerste in de play-offs van dit jaar na zeven overwinningen op rij.

Wat betreft Heroes maakt één zwaluw nog geen zomer. De ploeg kreeg van Leiden in wedstrijd 3 niets cadeau, dwong de overwinning zelf af en dat zal vertrouwen geven.

Wat opviel in wedstrijd 3 tussen Heroes en ZZ Leiden, 79-65:

  • Defense was welhaast ‘ouderwets’ intens van beide teams en het tempo over het algemeen laag. Dat leverde een lage ruststand op van 33-25.
    • In game 1: 40-47
    • In game 2: 43-33
  • In het derde kwart nam Heroes een maximale voorsprong van tien punten, 35-25. Waarna Leiden een sterke run (8-21) neerzette waardoor de ploeg op voorsprong kwam, 43-46. Opvallend was dat Heroes niet knakte en de eindstand dit kwart gelijk was, 48-48.
  • In het vierde kwart bleef het lang gelijk opgaan tot 5 minuten voor tijd, 58-56. Met een stevige run door goed te verdedigen (17-4), besliste Heroes de wedstrijd. De hoofdrol was voor Sherron Dorsey-Walker. De Amerikaan nam in de run het voortouw, iets wat de ploeg zolang ontbeerde. Mede omdat Boy van Vliet in foutenlast zat, was hij ook de spelverdeler. In de aanval was Dorsey-Walker sterk en hij nam persoonlijk de verdediging van Jones op zich, die er in deze fase eigenlijk niet aan te pas kwam.
  • Voor het eerst deze serie (was het een echte wedstrijd) schoot Heroes de tweepunters op normaal niveau en beter dan Leiden:
    • 2P Heroes: 16/31
    • 2P Leiden: 13/28
  • Doordat Heroes meer balans had, maakte Leiden ook meer fouten wat resulteerde in veel meer vrije worpen voor Heroes:
    • FT Heroes: 14/17
    • FT Leiden: 6/9
  • Een aanzienlijk verschil was er ook in het balverlies en vooral de scores daaruit:
    • TO Heroes: 12
    • Punten Heroes uit TO: 17
    • TO Leiden: 14
    • Punten Leiden uit TO: 7
  • Heroes had vijf spelers in de dubbele cijfers, met qua punten Akot (11p, 5r, 3a, +/- +13) als de meest opvallende. Akot die (eindelijk eens) overtuigend speelde en duidelijk heeft geleerd. Want in de cruciale fase ging hij niet rennen als een kip zonder kop, iets wat vaak en ook nog in de eerste helft nog wel deed. Maar nu had hij in het vierde kwart een cruciale play. Hij pakte een rebound, keek om zich heen en in plaats van zelf te gaan rennen, draaide hij om en leverde de bal in. Opvallend verstandig en typerend voor Heroes deze wedstrijd.
  • Tajion Jones had bij rust 13 punten en eindigde op 22. Lang was hij ongrijpbaar en lang was hij de enige speler van Leiden in dubbele cijfers. Uiteindelijk had alleen Van Bree nog 10 punten. Gardner, de uitblinker van wedstrijd 2, was onzichtbaar.

Na de wedstrijd sprak ik voor NOS Langs de Lijn met Heroes-coach Erik Braal:

Dinsdag is wedstrijd 4 in Leiden. Bij winst is Leiden kampioen, anders is donderdag wedstrijd 5 in Den Bosch.

Voor de wedstrijd werd er op een mooie en respectvolle manier door Heroes stilgestaan bij het plotselinge overlijden van de partner van ZZ Leiden-voorzitter Marcel Verburg.

De foto boven het artikel is van Robert Verboon.

ZZ Leiden dendert over Heroes heen en staat op drempel van kampioenschap

Dit is wat sport zo mooi maakt. Zorg en Zekerheid Leiden stond het hele seizoen in de schaduw van Heroes. Nou ja op de ranglijst dan, voor wat het waard is in de BNXT-league. Maar als puntje bij paaltje komt blijkt de ‘underdog’, voor zover je daarvan mag spreken bij de titelverdediger, als team een heel stuk verder dan Den Bosch en staat Leiden op de drempel van de zesde landstitel.

ZZ Leiden won wedstrijd twee in een heerlijke ambiance en zoals je dat in het Amerikaans zo mooi zegt met ‘authority’. Even mocht Den Bosch meedoen en toen het aan hun kant niet meer lukte door de straffe Leidse verdediging, en dat moet gezegd worden door wat ballen die er net niet invielen, maar dat gebeurt in de situatie waarin zij zitten, was de thuisploeg weg om Heroes op de pijnbank te leggen.

Als het team optimaal functioneert, wat een dikke verdienste is van Doug Spradley, kunnen individuen uitblinken, zoals dit keer Brock Gardner. Toen de Amerikaan arriveerde leek het geen bijzondere speler, maar nu stijgt hij en zijn spel tot ongekende hoogtes. Niet alleen qua punten zeker ook met de intensiteit die hij brengt voor zijn ploeg.

Ik zie het eigenlijk niet meer misgaan voor ZZ Leiden en alles lijkt erop dat de ploeg zaterdagavond in Den Bosch de derde overwinning op rij gaat pakken. De uitslagen zijn duidelijk, het spel van Leiden is beter, maar belangrijker is dat Heroes donderdagavond mentaal werd geknakt. De lichaamstaal vertelde alles en het team viel uit elkaar, wat weer duidelijk werd door de harde woorden naar elkaar toe, tot schelden aan toe.

Nou zal er vrijdag vast en zeker een gesprek volgen in de Maaspoort binnen de groep van Heroes, en dat kan best een lang gesprek worden gezien de emoties. De vraag die opgeworpen zal worden is: willen wij als kanonnenvoer afgeserveerd worden?

ZZ Leiden speelt als een machine, kent heel weinig pieken en dalen en heeft met Ververs, maar ook met Schaftenaar twee enorme steunpilaren. Welhaast een garantie voor succes, maar het blijft sport.

Het is 2-0 in de serie en er zijn gekkere dingen gebeurd in de sport en zeker ook in het basketbal. Heroes kan het licht zien en de kans bestaat op individuele oplevingen, maar reëel is het niet. Want waar bij Leiden iedereen de verdedigende opdrachten kent en niet verrast wordt door wat er op het veld gebeurt, lopen er bij Heroes spelers rond die verdedigend bij vlagen acteren als een hert dat in de koplampen kijkt.

En, hoewel dat misschien vreemd klinkt, vond ik het probleem voor Heroes donderdag niet per se in de verdediging liggen, hoewel die duidelijk stabieler moet worden om een kans te maken. In het derde kwart lagen er mogelijkheden voor Heroes, maar de ploeg kreeg de bal niet door de ring. De Leidse verdediging stond natuurlijk goed, tegelijk leek het er soms op dat de Bossche spelers bang zijn. Bang om hun tegenstander en de ring met de volle overtuiging, zoals Gardner bijvoorbeeld doet, aan te vallen. De ervaren Price werd topscorer voor Heroes met 20 punten, maar na drie kwarten had hij er slechts 12 en werd hij ‘makkelijk’ aan banden gelegd door Jones.

Wat mij opviel in wedstrijd twee, 83-65:

  • Brock Gardner was de beste man op het veld. Hij speelde meer dan 38 minuten met 27 punten (11/15 inclusief 3/6 driepunters), 8 rebounds, 3 assists en een efficiency van 34. Verreweg zijn beste wedstrijd voor Leiden en ruim boven zijn gemiddeldes: 13p, 5r, 2a.
  • Marijn Ververs speelde ‘maar’ 28 minuten met 6 punten, 4 rebounds en 5 assists. Zijn vervanger was Maarten Bouwknecht die 11 punten had met een ‘game-high’ plus/minus van +20.
  • Het eerste kwart was gelijk opgaand, 20-20. Wat volgde was een 23-2 run van ZZ Leiden in de eerste zeven minuten van het tweede kwart. Gevolgd door een 0-11 run van Heroes.
  • Tweepunters
    • ZZ Leiden: 23/40 (57%)
    • Heroes: 15/40 (37%)
  • Bij de start van het 4e kwart werd de scheuring bij Heroes letterlijk zichtbaar. Van der Mars, Fenner, Price en Akot stonden bij coach Braal aan de zijlijn bij de Bossche bank. Moore, met zijn gezicht op onweer, stond helemaal alleen aan de overzijde van het veld te wachten op het beginsignaal.

Zaterdagavond is wedstrijd 3 in de serie in Den Bosch. Bij winst is Leiden kampioen.

Overigens snap ik niet dat dit duel tegelijk met de Champions League-finale is gepland. De hal zal best vol zitten, maar om de basketbalsport te verkopen, wat echt heel hard nodig is, had er op een ander moment gespeeld moeten worden.

Het hele seizoen er is door de landelijke media nauwelijks aandacht geweest voor het Nederlandse basketbal en door zaterdagavond te spelen zal dat niet beter worden. De Belgische competitie zit wat dat betreft gunstiger door vrijdag en zondag te spelen. Ik denk niet dat dat bewust is gebeurd, maar als er niet over nagedacht is, zegt dat ook wel wat.

De oplossing is niet zo moeilijk als je de Belgische finale niet tegelijk met de Nederlandse wil laten zijn, had er één op zondagmiddag en één op zondagavond gespeeld kunnen worden.

Maar goed regeren is vooruitzien en daarin blinkt de BNXT-league al drie jaar niet uit.

De foto bij het artikel is van: Marja Van Tilburg-de Lange

ZZ Leiden domineert bij Heroes in eerste finalewedstrijd: schotpercentage doorslaggevend

Wat een heerlijke machine is Zorg en Zekerheid toch. De ploeg deed in wedstrijd 1 van de finaleserie om het landskampioenschap eigenlijk niets bijzonders, althans lange tijd, en won dik verdiend op bezoek bij Heroes. De spelers van Leiden moeten zich in de matige gevulde Maaspoort gevoeld hebben als een vis in het water.

Nou klinkt niets bijzonders misschien wat denigrerend, maar dit Leiden functioneert optimaal gezien de mogelijkheden, weet exact wat het kan en niet kan en speelt lange aanvallen om de oplossingen te zoeken en te vinden. Zoals ik in mijn vooruitblik al schreef is de ploeg onder leiding van veldheer Marijn Ververs een team dat foutjes van de tegenstander ook nog eens genadeloos afstraft. Dit hele scenario was in de Maaspoort niet anders, op de vreemde laatste drieënhalve minuut na.

Heroes was, is en blijft een vreemd gezelschap. Een -groot- aantal spelers leek niet doordrongen van het belang van de wedstrijd en de meesten waren veel te soft. Nou scheelt het dat de zieke Stumbris en de geblesseerde Fenner (schouder) met hun agressie er niet bij waren, zeker verdedigend. Maar de overblijvers hadden zoals zo vaak de laatste weken een -mentale- dip en opnieuw leek het bij vlagen verdedigend nergens op. En als de ploeg zo blijft verdedigen is deze serie snel voorbij.

Wat mij opviel in wedstrijd 1, 89-96:

  • Statistisch waren de verschillen klein op de meeste onderdelen.
    • Maar de cruciale schotpercentages van Leiden waren uitstekend, zeker inside:
      • 2P: 72%
      • 3P: 47%
    • Nou schoot Heroes niet slecht, daar lag het probleem niet (echt):
      • 2P: 59%
      • 3P: 52%
    • Points in the paint:
      • Heroes: 32
      • ZZ Leiden: 44
  • ZZ Leiden besliste de wedstrijd direct na rust, 40-47. De ploeg ging gelijk op 100% verder en bij Heroes dachten ze rustig te beginnen. Leiden zette haar tanden in de prooi en voordat de thuisploeg in de gaten had wat er aan de hand was, was de wedstrijd over 42-61. Heroes was weer eens de weg kwijt, opnieuw nam niemand op het veld het initiatief en de ene na de andere domme beslissing was kat in het bakkie voor Leiden.
  • Hoewel deze fase beslissend was, lag Heroes voor de rust al in de touwen. Leiden scoorde 47 punten met 20 punten van Schaftenaar en Gardner samen tegen 82% (9/11).
  • Ververs speelde 38 minuten en 23 seconden met 16 punten (8/11), 5 rebounds, 7 assists, maar ook nog 5 keer balverlies.
  • Het maximale verschil dit duel was 20 punten, 3.24 voor het einde was het 71-90. Heroes maakte de wedstrijd af met op het veld: Van Vliet (10a), Helfrich, De Pagter, Van der Mars en Moore die carte blanche kreeg (31p, 4r, 7a, 5to). Ineens speelde dit vijftal wel fysiek en werd er met enige agressie en fysiek verdedigd. Het in slaap gesuste Leiden raakte vreemd genoeg de weg kwijt met een aantal domme fouten en keuzes waardoor Heroes urgentie begon te voelen. De wedstrijd werd bijna nog interessant 54 seconden voor tijd, 87-92. Maar een voor deze wedstrijd typerende ongehinderde lay-up van Van Bree, die verder vrij onzichtbaar was, dwars door het midden (omdat Ververs De Pagter meenam na een switch) bezegelde het lot.

Donderdag is wedstrijd 2 in deze best-of-fiveserie in Leiden.

De foto boven het artikel, waar de passie vanaf druipt, is van Robert Verboon.

De strijd tussen Heroes en ZZ Leiden gaat beginnen, maar wie wint?

Kon, Jones en Schaftenaar Foto Christian Aarts

Heroes Den Bosch en Zorg en Zekerheid Leiden gaan uitmaken wie voor de 46e keer sinds de invoering van de play-offs kampioen van Nederland wordt.

Historisch gezien wordt in Nederland sinds 1977 de winnaar van wedstrijd één in de finalereeks in 87% van de gevallen uiteindelijk ook kampioen.

Wat verwacht jij?

Wie wordt kampioen?
×

De foto bij het artikel is van Christian Aarts.

Spannende strijd om landskampioenschap tussen Heroes en ZZ Leiden

Voor mij zijn er redelijk wat vraagtekens bij de twee finalisten in de strijd om het kampioenschap. Ergens is het natuurlijk heel simpel want wie in drie van de hooguit vijf wedstrijden de meeste punten scoort is kampioen.

Alleen wie gaat dat zijn? En vooral: welk van de twee teams kan zijn stempel drukken en zijn wil aan de ander opleggen? Eigenlijk denk ik dat ze het beide in deze serie moeilijk kunnen en dus ligt de strijd redelijk open.

Natuurlijk is Heroes favoriet want de Bossche formatie heeft het hele seizoen bovenaan gestaan in Nederland. Heroes heeft thuisvoordeel, in de Maaspoort dit seizoen van nog geen enkel Nederlands team verloren en de diepste selectie doordat Heroes het hoogste budget heeft.

Maar Zorg en Zekerheid is de titelverdediger en de wil om die titel ten koste van alles te verdedigen telt zwaar, zeker bij Leiden dat een echt, hecht team is met karakter.

Key
Cruciaal in mijn ogen in de titelstrijd is de verdediging, ‘defense wins championships’.

En daar zit voor mij dilemma. De best verdedigende ploeg, zeker op dit moment, is ZZ Leiden. Daar heb ik geen enkele twijfel over.

Het vreemde is alleen dat Heroes tot aan de halve finale tegen Donar het hele seizoen ook best goed stond te verdedigen.

De vraag is dus of Heroes hun verdedigende ‘mojo’ kwijt is, of dat Donar zo goed was?

Zoals altijd zal de waarheid in het midden liggen. Het gehavende Donar speelde fenomenaal, maar wel vooral aanvallend. Want verdedigend konden ze Heroes niet echt stoppen. En andersom ook niet, op de laatste paar, zeker niet onbelangrijke, minuten van wedstrijd vijf na.

Teamkarakter
De plotselinge aanvalskracht van Donar was vooral gebaseerd op opportuun desperaat basketbal met heel veel rake driepunters. Niets mis mee gezien hun situatie, maar zo zit ZZ Leiden niet in elkaar.

De ploeg van Doug Spradley speelt rustig, gecontroleerd basketbal. Teambasketbal zonder fratsen. De meeste spelers zijn slim, ervaren en op elkaar ingespeeld. Ze weten in Leiden wat ze aan elkaar hebben en straffen kleine fouten van de tegenstander genadeloos af. Dat heeft Landstede in de halve finale gemerkt. Zwolle was drie keer dichtbij, maar verloor toch.

Die slimheid en ervaring heeft Heroes op zich wel in de selectie en Erik Braal is een coach die ook teambasketbal wil spelen. Dat hij in de serie tegen Donar refereerde aan het feit dat hij nu voor het eerst moet dealen met een volledige selectie nadat Heroes het hele seizoen heeft gekampt met blessures is in dit licht te begrijpen.

Kort door de bocht kenden de spelers in Den Bosch elkaar voor de halve finale niet goed genoeg. Natuurlijk wel als collega, maar in deze fase van het seizoen gaat het om details, want zo groot zijn de verschillen in Nederland nou eenmaal niet. Dan gaat het over timing, spacing en keuzes met elkaar maken op het veld, dingen die je leert door met elkaar te trainen en spelen.

Natuurlijk heeft ook ZZ Leiden blessures gehad en spelers erbij gekregen, maar de huidige groep heeft de Gold League met elkaar gespeeld en al een heel proces achter de rug.

Donar heeft door zo goed te spelen het uiterste gevraagd van Heroes en daarmee die ploeg ook praktijklessen gegeven. Zeg maar een spoedcursus samenspelen.

Euroleague
Zondagavond heb ik de finale eens goed bekeken. Panathinaikos won van favoriet Real Madrid in een heerlijke wedstrijd, 80-96. Na het eerste kwart zaten de Spanjaarden op rozen, 36-25. Halverwege leek het wel een schiettent, 54-49. Na de pauze ging de deur op slot, zeker bij de Grieken. Het verschil met de BNXT-league is lichtjaren en werd vooral duidelijk in het basketbal-IQ van de spelers, hun fysieke kracht, maar ook de snelheid op hun voeten en de snelheid van handelen.

Wat onderdelen die mij opvielen:

  • Panathinaikos heeft 10 van de 11 spelers serieuze speeltijd gegeven
  • Madrid gebruikte 11 van de 12 spelers
  • In het verloop van de tweede helft werd de rotatie pas kleiner
  • Madrid had 1 speler met 32 minuten
  • Panathinaikos had 2 spelers met 33 minuten
  • Alle andere spelers hadden 20 minuten of minder
  • Wat vooral opviel, aan beide teams trouwens, was het geduld in de aanval. Het was of een snelle score, of vaak pas laat in de schotklok.
  • In de eerste helft zag ik veel geforceerde schoten

Type spel
Omdat ZZ Leiden van nature een lager tempo speelt dan Donar recent, zou het voor Heroes ook makkelijker kunnen worden om de verdediging goed neer te zetten. Andersom geldt dat als Leiden het tempo kan bepalen, Den Bosch niet kan rennen en als de wedstrijden zich gaan afspelen in een half-court speelt dat Leiden in de kaart.

Aanvallend gezien heeft Heroes, met een voorliefde voor driepunters, meer potentie dan ZZ Leiden, al komt dat er niet altijd even goed uit, zeker niet in hun half-court aanval die nogal eens wil stagneren. Daarom worden verdedigende stops met vervolgens de mogelijkheid om tempo te maken heel belangrijk voor Heroes. Los hiervan kampt de ploeg als geheel met mentale dipjes, dus zeker weet je het met Den Bosch nooit.

Na een fase van goed spel, kan het bij Den Bosch even snel weer voorbij zijn door een reeks aan verkeerde keuzes op het veld, bijvoorbeeld door te lang te dribbelen en onnodige driepunters te schieten. Dat overkomt ZZ Leiden al een tijdje niet meer, al ben ik die paar plotselinge pakken slaag in de Gold League en de geluiden die ik toen hoorde niet vergeten.

Individuele kwaliteiten
Gabrovsek, Meeks, Tomsick, maar zeker ook Hollanders en Zuidema presteerden in de halve finale elke keer bijzonder voor Donar. Op dit individuele vlak verwacht ik bij ZZ Leiden, met een rotatie van 8 man, minder uitschieters.

Ververs is in vorm, Jones zou een uitschieter kunnen hebben, maar verder is het een beetje ‘what you see is what you get’. En Gross is helaas voor Leiden geen Rutherford waardoor er inside veel druk komt te liggen op de schouders van Schaftenaar.

Heroes heeft meer spelers, 11 als Braal wil, maar ook meer vraagtekens. Moore explodeerde tegen Donar in wedstrijd vijf, maar kan hij dat niveau volhouden in de finalereeks? Price, die er twee jaar geleden al bij was, bezit een dodelijke driepunter, maar kan evengoed aan als uit staan. Voor Stumbris, die met zijn vechtlust belangrijk is, geldt hetzelfde met de vraag erbij of hij zijn opvliegendheid in bedwang kan houden tegen Van Bree, die best stevig wil spelen en hopelijk fit is na een hamstringblessure in de halve finale. De week rust kan voor hem goed uitgepakt hebben, maar Leiden als team kan het ritme missen dat Heroes dan weer wel heeft.

Het verleden leert dat de teams in de finale naar elkaar toe kruipen qua niveau, spel en intensiteit en ik verwacht nu eigenlijk niets anders dan spannende wedstrijden. In feite zoals beide halve finales.

Doorslaggevend
Thuisvoordeel is belangrijk, überhaupt en zeker in de finale. Dat bleek vorig jaar toen Leiden in de vijfde beslissende wedstrijd thuis won van Donar en voor de vijfde keer in de clubgeschiedenis kampioen werd. Toen wonnen de Groningers wel de eerste wedstrijd van die reeks in toen nog de Vijf Meihal.

Historisch gezien wordt in Nederland sinds 1977 de winnaar van wedstrijd één in de finalereeks in 87% van de gevallen uiteindelijk ook kampioen.

Ik denk dat dit een aardige graadmeter is voor de aanstaande serie tussen Heroes en Zorg en Zekerheid.

Heroes Aanv.Eff. Verd.Eff.
PO Semi 117.6 113.9
Crossborder 108.2 112.3
Seizoen 113.2 101.7

ZZ Leiden Aanv.Eff. Verd.Eff.
PO Semi 108.5 97.2
Crossborder 98.4 106.1
Seizoen 104.7 101.1

Historische feiten
Twee seizoenen geleden werd Heroes voor het laatst kampioen, de zeventiende titel. Toen ook in een serie tegen Leiden, nu de titelverdediger. Den Bosch won de eerste en uiteindelijk ook de laatste wedstrijd in Leiden.

In de geschiedenis van de play-offs heeft Den Bosch thuis na 189 duels een historisch winstpercentage van 78,8%. De ploeg speelde 16 keer thuis tegen Leiden:

  • Winst: 75%
  • Verlies: 25%

In de Nederlandse play-offhistorie speelde Leiden 86 thuisduels met een historisch winstpercentage van 66,3%. De ploeg speelde 17 keer thuis tegen Den Bosch:

  • Winst: 29,4%
  • Verlies: 70,6%

Den Bosch en Leiden speelden in het verleden 10 play-offseries tegen elkaar:

  • 78-79 finale: Den Bosch
  • 79-80 finale: Den Bosch
  • 80-81 finale: Den Bosch
  • 83-84 finale: Den Bosch
  • 84-85 finale: Den Bosch
  • 85-86 ½ finale: Den Bosch
  • 06-07 ¼ finale: Den Bosch
  • 11-12 finale: Den Bosch
  • 20-21 finale: Leiden
  • 21-22 finale: Den Bosch

De foto bij het artikel is van Christian Aarts.

Heroes overwint Donar in spannende halve finale: Lee Moore X-Factor in beslissende wedstrijd

Hopelijk wordt de finaleserie tussen Heroes en Zorg en Zekerheid Leiden net zo intens en interessant als de serie tussen Den Bosch en Donar. Dan zit iedereen op het puntje van zijn stoel zoals vrijdagavond in de beslissende halve finalewedstrijd.

De prestatie van Donar deze serie was fenomenaal. Gehavend bracht de ploeg welhaast een ongekende vechtlust en dat ging gepaard met een uitermate effectieve afronding, zeker bij de driepunters.

Heroes speelde in de ‘do or die-game’ een uitstekende eerste helft wat leidde tot een voorsprong van 20 punten, 55-35. De ene na de andere penetratie leverde een lay-up op en het percentage tweepunters was halverwege 85%, ongekend.

Donar is deze serie langzaam een groepje Galliërs geworden a la Astrix en Obelix. Sterk met elkaar tegen de boze buitenwereld en gesterkt door tegenslagen.

Welhaast vanzelfsprekend knokte de ploeg zich terug in de wedstrijd met een absolute hoofdrol voor Gabrovsek, wat een beest is hij en dat een dag nadat zijn neus voor de tweede werd gebroken om het weer goed recht te zetten. Het werd ook weer een wedstrijd omdat Heroes verviel in oude (en bekende) fouten door de aanval te laten stagneren, domme keuzes te maken en weer te gaan schieten van ver.

Bij 83-81 had Donar het momentum en leek Heroes op omvallen te staan. In het verleden heb ik genoeg teams gezien die zich in zo’n situatie niet staande konden houden, maar de vijf Heroes-spelers die de laatste minuten speelden (en niet gewisseld werden) bleven overeind doordat ze in de verdediging vochten voor wat ze waard waren. Het was Lee Moore die met een jumper (na geen aanval) twee minuten voor tijd eigenlijk de wedstrijd besliste.

Deze vijf zaken vielen mij op in wedstrijd vijf, 90-83:

  • Lee Moore was de onverwachte X-factor. Hij oogt bij vlagen met zijn gedachten ergens anders en dat geldt eigenlijk voor het hele seizoen. Al is de 29-jarige guard lang geblesseerd geweest dit seizoen en kostte het hem in de Gold League duidelijk moeite om zijn ritme te hervinden. Op het moment dat Heroes met de rug tegen de muur stond, kwam hij wel door met razendsnelle drives naar de ring:
    • 31 punten (FG 12/18)
    • 90% tweepunters (10/11)
    • 7 rebounds
    • op hem werden 6 fouten gemaakt
    • 5/6 vrije worpen
    • efficiency 30
    • in 28 minuten
    • Dit was zijn meest cruciale actie waar een verdedigende actie van Fenner op Meeks aan vooraf gaat en Moore de rebound pakt voordat hij scoort.
  • Heroes speelde eigenlijk voor hun doen onnatuurlijk. Het game-plan in de aanval was bijna ‘old-school’ met heel veel inside, waar Kok zeker de eerste helft opviel door snelle acties naar de ring, en (relatief) weinig driepunters. Voor wedstrijd 5 is heel veel video gekeken en het spel wat veranderd. Minder gericht op het lengte-overwicht, dat er zeker was maar niet benut werd in de serie tegen Donar, en meer ruimte in de aanval door het veld wat breder te maken. Hierdoor ontstond de ruimte voor de penetraties. En verdedigend werd werkelijk alles geswitcht. Het doel hiermee van coach Braal was vooral om Donar-motor Gabrovsek uit zijn ritme te krijgen.
  • Statistieken:
    • 2P% 70-53 (28/40-15/28)
    • 3P% 22-41 (6/27-13/31)
    • Rebounds 43-27
    • Aanvallend 15-6
    • Assists 14-21
    • Balverlies 10-11
    • Points in paint 48-30
  • Fenner speelde dus een rol in het stoppen van Meeks op een niet onbelangrijk moment. Opvallend was dat hij nul punten had met een seizoensgemiddelde van 11. Maar hij forceerde niet (0/4) en dat is welhaast wonderbaarlijk voor een Amerikaan. Wel bracht Fenner veel verdedigende arbeid en had hij zonder scores toch een plus/minus van +7 (zie eindstand).
  • Complimenten voor de jonge Nederlanders van Donar. Sander Hollanders met 18 punten in 33 minuten en Kjeld Zuidema 13 punten in 24 minuten hebben deze serie meerdere keren bewezen dat ze het niveau aankunnen als ze de kans maar krijgen. Hopelijk krijgen ze volgend seizoen de kans om door te groeien en belanden ze niet op de bank achter imports. Misschien een les voor meer Nederlandse ploegen.
  • Extra punt: De sfeer in de Maaspoort was heerlijk, maar de opkomst viel me toch wat tegen. Beide teams verdienden een uitverkochte hal en de wedstrijd was er zeker naar, maar er waren nog zeker 300 stoeltjes vrij. Overigens was dit duel en deze serie ook zeker televisiewaardig, maar goed dat is een ander verhaal.

De foto bij het artikel is van Christian Aarts

De mooiste wedstrijden zijn de beslissende zoals de 5e tussen Heroes en Donar

silhouette photo of basketball hoop during golden hour

Voor mij is er op sportief gebied bijna niets mooiers dan een vijfde en beslissende wedstrijd in een play-offserie. Volle hal, spanning, sensatie, emotie, frustratie en blijdschap zit allemaal verborgen in een pakket van 40 minuten speeltijd (of meer). En het mooie is dat het in een basketbalwedstrijd allemaal voelbaar is voor het publiek. Zo’n wedstrijd als tussen Heroes en Donar vrijdagavond wordt in Nederland alleen nog overtroffen door de laatste wedstrijd in een finalereeks, zoals vorig jaar tussen ZZ Leiden en Donar.

Mooi zijn dit soort wedstrijden trouwens zelden door de druk die erop staat. Tegelijk haalt het ook uitersten in spelers en coaches omhoog, goede en slechte dingen. Natuurlijk zegt de ene ploeg altijd dat de druk bij de ander ligt, maar de ploeg die thuis speelt is de favoriet zo simpel is het. In dit geval is Heroes hoger geëindigd, heeft dus thuisvoordeel en dat is best belangrijk. Maar ook weer niet doorslaggevend. In ieder geval geldt voor beide teams: ‘do or die’.

Gister schreef ik al dat Donar al lang in de fase zit van: niet denken, maar doen om te overleven. Heroes komt nu ook, voor het eerst, in die fase en anders is het seizoen voor de Bosschenaren, voor het tweede seizoen op rij voortijdig, voorbij. Al geldt dat laatste ook voor Donar.

Wat feiten die mij zijn opgevallen uit de eerste vier duels in deze serie waarin telkens de thuisspelende ploeg won:

  • Vier keer won de ploeg die het eerste kwart won:
    • 26-20
    • 22-15
    • 37-22
    • 27-20
  • De driepunters blijken vrij bepalend voor het resultaat:
    • 14/38 vs 9/24
    • 10/23 vs 8/29
    • 12/28 vs 12/31
    • 10/29 vs 6/29        
  • In alle wedstrijden had Heroes minder balverlies:
    • 11-15
    • 18-13
    • 10-13
    • 15-12

Wat feiten uit het verleden van de Nederlandse play-offs (die geen enkele garantie geven, maar zonder verleden geen heden).

Winstverdeling in gehele play-offs sinds seizoen 1977-1978:

  • Thuis: 64,9%
  • Uit: 35,1%

Den Bosch speelde in haar historie tot dit seizoen 185 keer thuis in play-offs:

  • Winst: 78,4%
  • Verlies: 21,6%

Donar speelde in haar historie tot dit seizoen 129 keer uit in de play-offs:

  • Winst: 37,2%
  • Verlies: 62,8%

Den Bosch speelde tot dit seizoen 39 keer in de play-offs thuis tegen Donar:

  • Winst: 82,1%
  • Verlies: 17,9%

Den Bosch speelde 24 keer thuis de laatste wedstrijd in een reeks (3 van best-of-3, 5 van b-o-5 en 7 van b-o-7):

  • Winst: 83,3%
  • Verlies: 16,7%

Donar speelde 11 keer een laatste uitwedstrijd van een reeks buitenshuis:

  • Winst: 18,2%
  • Verlies: 81,8%

Den Bosch speelde vier keer eerder een laatste wedstrijd in een reeks thuis tegen Donar, zoals die vrijdagavond gespeeld gaat worden:

  • Winst: 100%
  • Verlies: 0%