Roijakkers bouwt met beschikbare basketballers verder aan WK-droom

Terwijl een groot gedeelte van Nederland bezig is met de verwerking van het Oranje-debacle op het WK-voetbal proberen de basketballers van Oranje komende week de tweede kwalificatieronde van het WK te bereiken. Op zich staat het vlaggenschip van het Nederlandse basketbal er aardig voor, maar het WK-eindtoernooi volgend jaar in Qatar is nog best ver weg.

Selecteren op beschikbaarheid
Dat de Nederlandse selectie er anders uitziet dan tijdens eerdere interlandperiodes, heeft volgens bondscoach Johan Roijakkers een simpele verklaring. “Het zijn gewoon de volgende jongens op de lijst die beschikbaar waren.” Vergeleken met het duel van november in Letland zijn zes van de spelers van toen er nu niet bij.

Wie de huidige selectie bekijkt, ziet dat veel (potentiële) internationals en vooral inside-spelers met een Amerikaanse connectie (NBA / G-league / College -contract of droom-) ontbreken. Dat is inmiddels bijna een terugkerend fenomeen voor de bondscoach.

“Natuurlijk heb ik die jongens er liever bij, want zij beschikken over kwaliteiten die we nu missen. Maar ze zijn allemaal afwezig met goede redenen. Veel jongens zitten zonder contract, anderen proberen hun droom in de NBA of G League waar te maken en sommige spelers zijn door het nieuwe college-landschap niet te verzekeren.”

Het is voor Roijakkers een situatie waar hij simpelweg mee moet ‘dealen’. “Tegelijkertijd geeft het kansen aan andere jongens die we misschien minder vaak zien. Er zal altijd wel een verrassing tussen zitten.”

Opvallend genoeg levert dat bij de bondscoach nauwelijks frustratie op. “Eigenlijk niet”,  glimlacht hij bijna bij het antwoord. “Het maakt de selectieprocedure eigenlijk juist makkelijker, omdat je minder keuzes hebt.”

Keye van der Vuurst de Vries (24) en Nathan Kuta (26), die beide heel belangrijk waren in de eerdere winst op Letland, zijn nu met Marijn Ververs (27) en natuurlijk Leon Williams (34) vanaf de bank de spelers met de meeste ervaring in Oranje.

Niet alle spelers met een Amerikaanse link ontbreken. Emmanuel Ugbo (forward 2.04 bij Washington State) en Max Pikaar (Southern Illinois) zijn wel beschikbaar. “Dat is voor ons echt een dikke plus.” Roijakkers ziet veel mogelijkheden in de 21-jarige forward/center (2.10) uit Leiden. “Het is een jongen met enorm veel lengte. Hij kan op meerdere posities spelen.” Ook met Ugbo is hij content. “Hij was beschikbaar en als ‘mobile big’ past hij prima in het systeem.”

Een van de opvallendste namen in de selectie is Shaquille Rombley. Voor veel Nederlandse basketbalfans is hij nog onbekend. De 29-jarige center (2.08) komt van Sint Maarten en speelde afgelopen seizoen voor Bakken Bears in Denemarken. “Shaq brengt het atletisch vermogen dat we graag rond de ring willen hebben.”

Hij speelde in de oefentrip vorige week in China (nederlagen tegen Australië 69-78 en China 60-65) voor het eerst in het Oranje en zal normaal gesproken tegen Letland zijn officiële debuut maken. “Je ziet meteen dat het geen ‘rookie’ is. Ondanks dat het zijn eerste wedstrijden voor Nederland worden, weet hij hoe het werkt.”

De ervaren Yannick Franke (30) ontbreekt -nog- op de spelerslijst. Dat heeft echter weinig met basketbal te maken. “Mocht hij de komende dagen ergens een contract tekenen, dan voegen we hem direct toe.” Voor Roijakkers bestaat daar geen enkele twijfel over. “Yannick wil graag voor Oranje spelen. Hij kent het Europese basketbal en past goed in ons systeem.”

Niet alleen naar de slotfase kijken
De Nederlandse basketballers hebben kwalificatie voor de volgende ronde volledig in eigen hand. Twee keer winnen en kwalificatie is een feit. Eén overwinning in de twee duels die komen zou voldoende moeten zijn (met in het achterhoofd dat de eventuele winstpartijen op Letland mee naar de volgende ronde worden genomen). Bij twee nederlagen is kwalificatie ook nog een serieuze optie omdat concurrent Oostenrijk op doelsaldo het onderling resultaat tegen Nederland verliest en het geen reëel scenario is dat zij van Polen of Letland winnen, al weet je het nooit.

Nederland won tot nu toe beide uitduels: in Letland (78-86) en in Oostenrijk (71-81). Oranje verloor thuis van zowel Polen (83-85) als van Oostenrijk (87-88). Twee keer ging het thuis in de slotfase mis. Toch wil de bondscoach het niet terugbrengen tot één of twee beslissende momenten.

“Ik geloof niet dat we die wedstrijden specifiek in de laatste minuut verliezen. Tegen Polen hadden we na een sterke fase eerder verder afstand moeten nemen.” Hetzelfde gold volgens hem tegen Oostenrijk. “Ook daar waren er eerder momenten waarop we de wedstrijd hadden kunnen beslissen. Het is te makkelijk om alleen naar die laatste minuut te kijken.”

Letland
De Letten komen met een ander team naar Nederland dan dat op het parket stond in november. Dat bleek afgelopen weekend toen Letland een oefenwedstrijd thuis tegen Georgië verloor (77-87).

Om te beginnen is er een nieuwe bondscoach. Jānis Gailītis, de Let die ook de hoofdcoach is van het Franse Straatsburg. Hij is de opvolger van de Spanjaard Alonso die er nog geen jaar heeft gezeten en afgerekend lijkt op het verloren duel tegen Nederland. De belangrijkste spelers van het vorige treffen zijn er wel, maar Mejeris, Bertrans, Pasecniks, Kurucs en Macoha zijn er vergeleken met toen nu niet bij.

“Voor hen is het nu eigenlijk vijf voor twaalf,” stelt Roijakkers. “Met de nieuwelingen bij hun is de voorbereiding voor ons iets moeilijker. We moeten eigenlijk kijken hoe die coach bij zijn club speelt en op basis daarvan proberen ons zo goed mogelijk voor te bereiden.”

De wedstrijd tegen Letland is vrijdagavond in Almere (19.30u). Maandag is het duel in Polen.

Knicks kampioen, lijstje Nederlandse spelers verrassend kort

Wat een explosie van emoties in New York en verre omgeving. Na 53 jaar wachten en vele jaren vol frustraties zijn de Knicks weer kampioen. Mijn eerste NBA-wedstrijd was halverwege de jaren ’90 in Madison Square Garden. Sindsdien ben ik er vaker geweest en verknocht geraakt aan die ploeg. Iedereen over heel de wereld kent de Knicks, maar ondanks de naam en de jaarlijkse verwachtingen zijn titels zeldzaam. Nu is het -even- anders.

Dat de Knicks in hun fundament sterk Nederlandse kenmerken hebben, schreef ik al. Daarna kwam bij mij de vraag op hoe het zit met de Nederlanders die er ooit gespeeld hebben? Duidelijk is dat er in het huidige team geen enkele Nederlander zit. Ondanks de Nederlandse roots hebben er sinds de oprichting in 1946 heel weinig Nederlanders voor de Knicks gespeeld.

Eigenlijk maar eentje: Dan Gadzuric. De center werd in april 2012 gecontracteerd door de Knicks als een soort van achtervang voor de geblesseerde Jeffries met het oog op de play-offs. De New York Times sprak hem toen kort:

“My role is not different than what I used to do in the past: provide a lot of energy,” Gadzuric said. “Obviously, I want to improve my game, but what got me here was a lot of energy, rebounding the ball and blocking shots and playing defense and just being all over the court.”

Gadzuric speelde uiteindelijk twee duels voor de Knicks. In de Garden tegen de Clippers (99-93) met 8 minuten, geen score en 2 rebounds. En nog op bezoek bij Charlotte (84-104) met 6 minuten, nul punten en 3 rebounds. Ongeslagen dus.

Mooie NBA-carriere
Gadzuric speelde voor de Knicks in de nadagen van zijn carrière. In 1995 vertrok Dan Gadzuric op zeventienjarige leeftijd naar Amerika. Daar ging hij op een high school in de buurt van Boston spelen. Na drie jaar volgde de overstap naar het vermaarde UCLA in Los Angeles. In 2002 werd Gadzuric in de draft gekozen door de Milwaukee Bucks. Daar bleef hij acht seizoenen. Daarna speelde Gadzuric nog voor de Nets en de Warriors voordat via China bij de Knicks terecht kwam. Na zijn korte verblijf in New York probeerde hij het in de volgende seizoenen bij Portland, Philadelphia en bij de Lakers, maar dat werden allemaal korte proefperiodes.

Gadzuric werd geboren in de Haagse Schilderswijk. Zijn vader is afkomstig uit Saint-Vincent in de Caraïben, zijn moeder komt uit Servië. Zijn ouders ontmoetten elkaar in Den Haag en bleven er wonen. Als 15-jarige basketbalde Gadzuric bij Jumpers. Op zijn 48e woont hij met zijn gezin in Las Vegas waar zijn zoon en dochter naar de universiteit gaan.

Butch de Knick
Naast Gadzuric is nog een halve Nederlander die voor de Knicks speelde, namelijk: Butch van Breda Kolff. Hij speelde van 1946 (het jaar van de oprichting) tot 1950 in New York. Butch is zijn bijnaam, hij werd geboren als Willem Hendrik van Breda Kolff in New Jersey.

Zijn vader was Jan Galtherus van Breda Kolff, een bekende Nederlandse voetballer die in het begin van de twintigste eeuw landskampioen werd met HVV uit Den Haag. Zijn meest iconische prestatie was zijn debuut in het Nederlands elftal op 2 april 1911 tegen België. Met een leeftijd van 17 jaar en 74 dagen werd hij de jongste debutant aller tijden én de jongste doelpuntenmaker in de geschiedenis van Oranje.

Jan verhuisde in 1924 naar Amerika en werd effectenhandelaar. Hij kreeg twee dochters en een zoon. Willem ‘Butch’ die dus speelde voor de Knicks en dat deed hij relatief anoniem met in totaal 175 duels en een gemiddelde van vijf punten. Daarna werd hij coach en als ‘baas’ van de Lakers haalde hij twee keer de NBA finale om die beide te verliezen van de Celtics. Zijn loopbaan als coach bij diverse NBA-teams duurde tot 1977. Op 84-jarige leeftijd is hij overleden.

Jan de zoon van Butch (vernoemd naar opa) speelde nooit voor de Knicks maar wel zeven seizoenen (1976-1983) voor de Nets met gemiddeld 6 punten in 23 minuten. Als coach maakte hij furore in het collegebasketbal (Vanderbilt, Pepperdine en Bonaventure) en werkte hij één seizoen als assistent bij de Hornets. Door een ‘transferfoutje’ kwam hij in het nieuws bij de New York Times. Op 74-jarige leeftijd woont Jan nu in Californië.

Vader Willem ‘Butch’ van Breda Kolff (links) en zoon Jan (rechts).

Hoe Landstede kampioen werd: het verhaal van Boyd

Boyd van der Vuurst de Vries

Boyd van der Vuurst de Vries ontpopte zich tijdens de play-offs tot een van de bepalende spelers in Zwolle. De 26-jarige guard, oudere broer van Keye (24), was een drijvende kracht achter het succes van Landstede. Met het beste basketbal uit zijn loopbaan gaf hij zowel aanvallend als verdedigend het voorbeeld en nam hij zijn ploeg regelmatig op sleeptouw.

Gefeliciteerd met het kampioenschap. Hoe was het feest na afloop?
“Geweldig. Ik denk dat heel veel mensen het niet verwacht hadden en daardoor was de ontlading misschien nog wel groter. Het voelde ook een beetje onwerkelijk, zeker als je kijkt naar de uitgangspositie die we hadden aan het begin van de play-offs. Het was gewoon heel bijzonder.”

Jullie aanvallende cijfers waren in de play-offs vrijwel gelijk aan die van het reguliere seizoen, maar verdedigend maakten jullie een enorme sprong. Zo ging jullie verdedigende efficiency van 109.9 naar 94.8. Wat is er gebeurd?
“Er is gewoon een tandje bij gegaan. Fysiek gingen we een stap omhoog, tactisch ook, en uiteindelijk begonnen alle puzzelstukjes op hun plek te vallen. Iedereen zat op dezelfde lijn. Je merkte dat veel teams daar echt moeite mee hadden. Als je ziet hoeveel ploegen we in de play-offs rond de zestig punten hebben gehouden, dan weet je dat het werkte.”

Wat was het geheim van die defensieve omslag?
“Dat vind ik lastig om op één ding te gooien. We werden gretiger en de wil om elke wedstrijd te winnen werd groter. Tegenstanders begonnen ook te klagen dat we veel vasthielden en duwden. Maar juist in de play-offs heb je dat nodig. Je wil dat spelers gefrustreerd raken, dat coaches zich gaan ergeren en dat de grens van wat wel en niet mag steeds een beetje wordt opgezocht. Ik denk dat we dat heel goed gedaan hebben.”

Jullie gingen dus echt onder de huid van tegenstanders zitten?
“Ja, eigenlijk wel.”

Hebben jullie voor de play-offs nog een speciaal moment gehad als team?
“Niet per se iets bijzonders. Natuurlijk hebben we met elkaar besproken dat dit het moment was waarop we er moesten staan. Binnen de club hadden we het vaak over het feit dat we hard werkten, maar dat het er nog niet uitkwam. We moesten onszelf gaan belonen. Dat woord kwam steeds terug. Uiteindelijk heeft al dat harde werk zich uitbetaald. De trainingen, de videoanalyses, alles bleef doorgaan, ook toen we niet goed speelden. Juist daarom was het mooi dat het er in de play-offs wel uitkwam.”

Wanneer begon je te voelen dat er iets bijzonders mogelijk was?
“Voor mij eigenlijk pas toen we in de finale stonden. Dan begin je te denken: dit zou zomaar kunnen. Toen we vervolgens met 1-0 voor kwamen, begon het echt te leven. Daarna werd het 1-1, maar ook in die wedstrijd stonden we verdedigend weer goed. Vervolgens wonnen we in Leiden en toen voelde je dat we ze hadden waar we ze wilden hebben. Dan weet je dat je het thuis kunt afmaken.”

Jij speelde het beste basketbal van je carrière in deze play-offs. Dit wordt onderstreept door de efficiencycijfers die bijna absurd zijn verbeterd. Hoe kijk je daar zelf naar?
“Dank je. Ik ben het daar wel mee eens. Ik ben veel zelfverzekerder gaan spelen en agressiever geworden. Het vertrouwen vanuit de club en mijn teamgenoten is er altijd geweest, maar mijn eigen zelfvertrouwen is gegroeid. Ook het vertrouwen dat ik van de coach kreeg om plays te maken hielp daarbij. Op een gegeven moment bouw je dat zelfvertrouwen op en wordt het steeds makkelijker om beslissend te zijn.”

Boyd gemiddeldRegulier seizoenPlayoffs
Minuten26,929,2
Punten9,813,8
Rebounds3,35,2
Asists3,23,9
Aanv. efficiency99,5116.0
Verd. efficiency107,195.0

Hoe heb je aan dat zelfvertrouwen gewerkt?
“Dat is altijd wel een ding geweest. Ik kan behoorlijk streng zijn voor mezelf. Op een bepaald moment in het seizoen ben ik daar iets minder hard in geworden. Ik ben eerlijker naar mezelf gaan kijken en probeerde wedstrijden wat relaxter in te gaan. Ik wilde niet meer alles forceren, maar de wedstrijd naar me toe laten komen.”

Je noemt vaak je verdediging. Waarom?
“Omdat ik weet waar mijn kwaliteiten liggen. Mijn broertje (Keye) en ik staan bekend als spelers die aanvallend sterk zijn. Daarom wilde ik juist stappen zetten aan de verdedigende kant. Ik denk dat ik daar dit seizoen echt in ben gegroeid. Voor mezelf heb ik besloten dat verdedigen de prioriteit moet zijn. Dan komt de aanval vanzelf wel.”

Merkte je in de play-offs dat die ontwikkeling effect had?
“Absoluut. Je zag bij tegenstanders soms echt frustratie ontstaan. Ik ben een stevige jongen en speel fysiek. Dan merk je dat spelers niet lekker in hun ritme komen, niet vrij van screens kunnen komen of geen comfortabel schot krijgen. Dat heeft mij laten beseffen dat verdedigen voor mij de basis moet zijn.”

Welke rol speelde coach Gaëlle Bouzin in jouw ontwikkeling?
“Een enorme rol. Ze heeft altijd vertrouwen in mij gehad en bleef benadrukken dat ik mijn hoofd erbij moest houden als het even tegenzat. Ik kende haar natuurlijk al via mijn broer (Bouzin was assistent-coach in Oostende toen Keye daar speelde) en zij is ook een belangrijke reden geweest waarom ik naar Zwolle ben gekomen. Ik had het gevoel dat zij mij beter kon maken en achteraf is dat ook gebeurd. Daar ben ik haar heel dankbaar voor.”

Bouzin ziet harde werker beloond worden
Voor coach Gaëlle Bouzin was zijn groei geen verrassing, maar het resultaat van maandenlang hard werken en een grote bereidheid om zichzelf te verbeteren. “Toen Boyd naar Zwolle kwam, hebben we gesproken over de onderdelen van zijn spel waarin hij stappen kon zetten, vooral defensief. De evolutie die hij daarin gemaakt heeft, is fenomenaal.”
Bouzin benadrukt dat dergelijke vooruitgang niet vanzelf komt. “Dat is niet iets dat je van de ene op de andere dag verandert. Daar moet je hard voor werken. Het is mooi om te zien dat die stappen er ook echt zijn gekomen.”

Hoe belangrijk was haar rol voor het team als geheel?
“Heel belangrijk. Haar grootste kracht is de tactische voorbereiding. Ze kan heel duidelijk uitleggen wat er moet gebeuren en wanneer. Dat maakt het voor spelers makkelijker. Je weet precies wat er van je wordt verwacht. Uiteindelijk zat iedereen op dezelfde lijn en toen begon alles te klikken.”

Nu is het seizoen voorbij. Heb je vakantie?
“Niet echt. Ik ben geselecteerd voor het Nederlands team, dus maandag meld ik me alweer. Ik heb dit weekend nog vrij en daarna gaan we weer verder.”

Als je terugkijkt op dit seizoen, waar ben je dan het meest trots op?
“Op hoe ik mezelf heb laten zien. Natuurlijk was die gemiste lay-up in de tweede finalewedstrijd vervelend, maar als ik naar het totaalplaatje kijk, ben ik echt trots. Vooral op de stappen die ik verdedigend heb gezet. Ik denk dat dat uiteindelijk de basis is geweest voor de rest van mijn spel.”

In de nieuwe uitgave van Rebound Magazine meer over het kampioenschap van Landstede.

De Nederlandse oorsprong van de Knicks, bijna NBA kampioen

De New York Knicks staan op de drempel van het NBA-kampioenschap. Ze hebben in de finaleserie tegen de San Antonio Spurs nog één overwinning nodig. De Knicks hebben best wat te danken aan Nederland voor wat betreft hun ontstaan en hun identiteit, al moeten we ver terug. Nog veel verder dan hun vorige titels in 1970 en 1973.

De Knickerbockers
Auteur Washington Irving, die op Manhattan werd geboren (1783-1859), is de link tussen Nederland en de New York Knicks. Voor zijn satirische roman ‘A History of New York’ uit 1809 creëerde Irving een personage: Diedrich Knickerbocker. Irving beeldde zijn hoofdrolspeler af als een ouderwetse Nederlandse historicus.

Irving gaf zijn boek, die de geschiedschrijving van zijn tijd bespotte, de ondertitel ‘Van het begin der wereld tot het einde van de Nederlandse dynastie’.

Begin 17e eeuw stichtten de Nederlanders Nieuw-Nederland, een kolonie die zich uitstrekte over de oostkust van de latere Verenigde Staten. De hoofdstad, Nieuw-Amsterdam, lag op het zuidelijkste puntje van het huidige Manhattan. Hoewel het Nederlandse gebied in 1664 uiteindelijk door de Engelsen veroverd werd, drukten de Nederlanders hun stempel op New York, onder andere via vooraanstaande families van Nederlandse afkomst in de stad en de staat.

De familienaam Knickerbocker
De stamvader van de familie Knickerbocker zou een zekere Harmen Janse zijn geweest. Bronnen meldde dat hij zich in Albany in de staat New York vestigde. Het is niet zeker wanneer hij precies leefde (globaal 1640-1710). Ook is niet helemaal duidelijk wat zijn -oorspronkelijke- achternaam was (in de archieven worden Van Turkeyen, Van Bommel, Van Wye, Boertie en varianten van Knickerbocker genoemd).

Uiteindelijk hebben geschiedkundigen het ontstaan van de naam Knickerbocker vast kunnen stellen. Zijn nakomelingen hebben die naam teruggevoerd op een akte uit 1682 waarin de man wordt aangeduid als Harmen Janse ‘kenne ker backer’. Dit kan worden geïnterpreteerd als ‘bekend als de bakker’.

Harmens kleinzoon, Herman Knickerbocker, was lid van het Amerikaanse Congres en een vriend van Washington Irving. Voor Irving riep de naam Knickerbocker blijkbaar een Nederlandse sfeer op die paste bij zijn satirische boek. Dus koos hij de naam Knickerbocker.

Wat Irving in die tijd al heel slim deed, was de marketing van zijn boek. Hij liet in de krant zetten dat Diedrich Knickerbocker was vermist en riep op tot tips. Zo werd het verhaal in New York steeds groter en steeds meer omarmt.

Met het succes van ‘A History of New York’ veranderde het gebruik van de naam Knickerbocker van een vriendelijke plagerij in een geliefde bijnaam. Halverwege de 19e eeuw werd Knickerbocker een naam voor ‘een afstammeling van de oorspronkelijke Nederlandse kolonisten van New York’.

Eind 19e en beging 20e eeuw werd ‘Vader Knickerbocker’ symbool van de stad New York, compleet met katoenen pruik, driekantige hoed, schoenen met gespen en natuurlijk een knickerbockerbroek.

Langzaam maar zeker werd Knickerbocker een algemene bijnaam voor ‘een New Yorker’ en een symbool van de rijke culturele geschiedenis van New York en het ging steeds meer staan voor trots en doorzettingsvermogen.

Dat bleek ook uit een artikel in de New York Times uit 1933 over Washington Irving:

…de uitvinder van die pater Knickerbocker, die met zijn korte broek, diepe zakken, lange jas en driehoekige hoed de beeldende belichaming is geworden van de stad die ooit het Nederlandse Nieuw-Amsterdam was en nu het kosmopolitische New York is.

De andere betekenis van knickerbockers
Knickerbockers, de broeken, kwamen in de mode in de tweede helft van de 19e eeuw. Ze komen tot de knie en zitten los om de (boven)benen. Veel mensen vonden dat ze leken op de broeken uit het verhaal van Irving met hoofdpersoon Diedrich Knickerbocker, die getekend waren in A History of New York. Vandaar de naam knickerbockers.

Het Oxford English Dictionary vermeldt knickerbockers al in 1859 als een loszittende, knielange broek. In 1881 werd knickerbockers afgekort tot knickers, een soortgelijk ondergoed.

Als broek waren de losvallende knickerbockers populair bij atleten. Onder andere gedragen door de Knickerbocker Base Ball Club in New York die in 1840 werd opgericht.

Ruim honderd jaar later, net voor de Tweede Wereldoorlog, raakte de term ‘Knickerbocker’ steeds meer verbonden met alles wat met New York te maken had. Zo bestond er Jacob Rupperts Knickerbocker Beer. In 1938 was er de Broadway-musical Knickerbocker Holiday. Er waren ook de beroemde roddelcolumnisten Cholly en Suzy Knickerbocker.

Start professioneel basketbal
In 1946 zag de Basketball Association of America het daglicht. Professioneel ijshockey bestond al en zakenmensen zagen hun arena’s vaak leegstaan. Door het succes van college basketbal was de stap naar het professionele basketbal snel gezet. In New York werd een team opgericht en er was één naam die boven de rest uitstak.

“De naam werd willekeurig gekozen”, herinnerde Fred Podesta, directeur van de Garden, zich. “We zaten op een dag allemaal op kantoor. Ned Irish (teameigenaar), Lester Scott (publiciteit) en met een paar andere medewerkers. We stopten allemaal een naam in een hoed. Toen we ze eruit trokken, stond op de meeste briefjes: ‘Knickerbockers’ het symbool van New York City. Het werd al snel afgekort tot Knicks.”

De eerste kans voor de Knicks om de titel binnen te slepen is in de nacht van zaterdag op zondag, dan wordt er in San Antonio gespeeld.

Logo heeft ook Nederlandse roots
Het logo van de Knicks uit 1946 toonde vader Knickerbocker zelf, gekleed in een knickerbockerbroek en gekleurd in blauw, wit en een typisch oranje.

De blauw-oranje kleuren van New York gaan terug tot 1625, naar de Nederlandse wortels van de stad, de tijd van Nieuw-Amsterdam.

Blauw en oranje waren de kleuren van de vlag van de Nederlandse Republiek, ofwel de ‘Prinsenvlag’ (maar dan een kwartslag gedraaid). 

De vlag van de stad New York heeft de drie kleuren van het Nederlandse koningshuis: blauw, wit en oranje met een zegel in het midden. Op het zegel op de vlag zie je een zeeman, een bever, een windmolen en meelvaten, allemaal verwijzingen naar de vroege handelswortels van de stad.

De blauw-wit-oranje vlag die tegenwoordig in New York wappert, is een aangepaste versie van de vlag die voor het eerst boven de oorspronkelijke Nederlandse haven werd gehesen. In tegenstelling tot de Engelse en Franse kolonisten werd de kolonie Nieuw Amsterdam gesticht in een geest van handel en met een mentaliteit waarin iedereen welkom was.

Professor Christina Greer aan de Universiteit van Fordham deed onderzoek naar de betekenis van kleuren voor mensen. Voor velen staat blauw voor vertrouwen, stabiliteit en betrouwbaarheid. Oranje staat voor energie, enthousiasme en trots.

Play-offs 2026: Landstede kampioen na winst op Leiden

Landstede is de nieuwe kampioen van Nederland. De Zwolse formatie versloeg woensdagavond in eigen huis ZZ Leiden (90-74). Door de winst is de eindstand in de serie 3-1. Het is voor Landstede na 2019 de tweede titel in de geschiedenis en voor het eerst dat die in eigen hal behaald is. Het is ook de eerste keer dat een Nederlands team kampioen wordt met een vrouwelijke hoofdcoach aan het roer, de Belgische Gaelle Bouzin.

Game 1 ZZ Leiden – Landstede 68-86
Game 2 Landstede – ZZ Leiden 59-61
Game 3 ZZ Leiden – Landstede 61-75
Game 4 Landstede – ZZ Leiden 90-74

Het kampioenschap van Landstede is eigenlijk ongelofelijk. Het reguliere seizoen was teleurstellend met een 14e plek in de BNXT-league. De ploeg begon als nummer vijf van Nederland aan de play-offs. Net voor de start van de play-offs raakte het aanvoerder Coen Stolk kwijt die voor de vierde keer in zijn carrière kampte met een hersenschudding en acuut stopte.

In de kwartfinale was Landstede zelfs niet de favoriet tegen het dit seizoen verrassende Den Helder Suns. Die serie werd nooit spannend omdat Landstede sterk begon te verdedigen waardoor er veel meer balans in het spel kwam. De ondergrens ging vergeleken met het reguliere seizoen fors omhoog. De Zwolse ploeg van Gaelle Bouzin, die deze play-offs drie ervaren coaches (Vervaeck, Braal en Spradley) bij de tegenstanders te slim af was, tankte zelfs zoveel vertrouwen dat het ook geen serieuze problemen had in de halve finaleserie tegen titelverdediger Heroes.

Landstede won vervolgens de eerste finalewedstrijd in Leiden, wat historisch gezien leidt tot een kans van bijna 90% op het kampioenschap. Na een nipte thuisnederlaag en winst in wedstrijd drie in Leiden, na een goede tweede helft, kwam het aan op de wedstrijd vier. Overduidelijk piekte Landstede op het juiste moment en dat is waar het om gaat.

Precies dit gold voor de beslissende wedstrijd vier. De eerste helft, waarin eigenlijk niet werd verdedigd, ging met vrolijk zorgeloos basketbal gelijk op (46-47). Na rust (44-27) bracht Landstede meer druk en kon ZZ Leiden, zonder McCollum en met veel Nederlanders, het tempo niet volhouden. De marge op het scorebord werd steeds groter en tegelijk werd de kampioenspanning bij Landstede steeds minder. Zwolle speelde uitstekend als team, sterk in de rebound, onbaatzuchtig, veel assists en met het kampioenschap als bekroning.

Landstede is in de geschiedenis van het Nederlandse play-offbasketbal de eerste ploeg die als vijfde geplaatst is en kampioen wordt. Weert werd in 1994 kampioen van Nederland met een vierde plek in de reguliere competitie.

Voor mij is Boyd van der Vuurst de Vries de MVP van de play-offs, al zal de BNXT wel voor een Amerikaan kiezen met statistisch goede cijfers. De oudere broer (26) van Keye (24) was de afgelopen weken voor mij de aanjager van het Zwolse succes. De guard, die weer geselecteerd is voor Oranje, speelde het beste basketbal uit zijn carrière en nam vaak het voortouw met zijn arbeidsethos en met zijn scores.

Dit seizoen was ‘mijn’ MVP gemiddeld goed voor:

  • 26,9 minuten
  • 9,8 punten
  • 3,3 rebounds
  • 3,2 assists

In de play-offs liep dat op naar gemiddeld:

  • 29,2 minuten
  • 13,8 punten
  • 5,2 rebounds
  • 3,9 assists

Landstede won een week geleden de eerste wedstrijd in Leiden (68-86). ZZ Leiden won vrijdag het tweede duel in Zwolle (59-61). Zondag won Landstede opnieuw in Leiden (61-75).

Het affiche voor de finale van de play-offs om het landskampioenschap in de BNXT-league was een van de meest verrassende in jaren. Nummer drie ZZ Leiden nam het op tegen nummer vijf Landstede. De teams waren op papier goed aan elkaar gewaagd. Het gaat om een best-of-fiveserie. Voor aanvang van de play-offs was er geen uitgesproken favoriet, Het uitgeschakelde Heroes was de titelverdediger.

Logica wijst naar Landstede, historie biedt Leiden hoop

De argeloze basketbalvolger zal denken dat Landstede woensdag kampioen gaat worden. Het enige dat hoeft te gebeuren voor de Zwolse formatie is thuis winnen van ZZ Leiden. Klinkt simpel, maar dat is het niet leert ook het verleden.

Om te beginnen zijn deze twee ploegen, net als alle andere Nederlandse teams die aan de play-offs begonnen, het hele seizoen enorm wisselvallig geweest en nog steeds. Bij Zwolle zijn de uitschieters de laatste tijd minder extreem, dat is zeker waar, maar stabiel is het niet. Zo werd de vorige thuiswedstrijd tegen Leiden, met een zwakke start en heel veel balverlies, verloren. In de gewonnen wedstrijd 3 was het begin matig en werd in het derde kwart pas het noodzakelijke niveau behaald. Dat heeft ook te maken met -de mentaliteit van- Leiden, dat niet voor niets de beslissende wedstrijd bij Donar won.

Bovendien is druk bij een thuiswedstrijd waarin het kampioenschap behaald kan worden aan alle kanten voelbaar. Ervaring helpt dan om met deze omstandigheden om te gaan en die ervaring heeft Landstede als team niet en op Leon Williams na hebben de spelers die ook niet. De ploeg piekt op het juiste moment en speelt bij vlagen prima basketbal, maar als iedereen wat van je verwacht is er flinke druk en dan is een dag extra rust niet echt een voordeel. Het is alleen maar meer tijd om na te denken.

Nou is er geen peil te trekken op Leiden. Het lijkt geen onwil, maar het ziet er bij vlagen matig en passief uit. De ploeg laat zich Landstede overkomen. En wat is er aan de hand met Lucas Kruithof en Stan van den Elzen die een goed seizoen achter de rug hebben, maar geen bal door de ring krijgen? Kruithof’s seizoensgemiddelde is 11,0 punten en 5,5 rebounds, vanaf de halve finale van de play-offs is hij goed voor 3,6 punten en 4,6 rebounds. Van den Elzen’s gemiddelde is: 11,6 punten, 2,1 rebound en 2,5 assist. De laatste acht duels is dat: 7,3 punten, 2,3 rebounds, 1,3 assist.

De belangrijke McCollum, die kampt met een blessure, zal wel gaan spelen. De vraag is alleen in welke mate hij een stempel op de wedstrijd kan drukken, maar zijn penetraties naar de ring zijn voor Leiden broodnodig. Het levert ‘makkelijke’ punten op en het trekt ook de Zwolse verdediging op de Leidse driepunter open.

Hoe zijn de resultaten dit seizoen in Zwolle?
Landstede is dit seizoen thuis bepaald niet onoverwinnelijk. De winst/verlies-reeks staat op: 9-12, ofwel een winstpercentage van 43% (thuis). Het is een teken, maar ook niet meer dan dat omdat in de reguliere competitie ook de sterke Belgen meetellen en omdat Landstede na een matig regulier seizoen (14e plek) pas in de play-offs zichzelf heeft uitgevonden.

Leiden heeft het dit seizoen buitenshuis aardig gedaan: 10-12 met dus een winstpercentage van 45%. En opmerkelijk is dat Leiden dit seizoen beide keren won op bezoek in Zwolle.

Het is een reëel scenario dat wedstrijd vier in de serie een enorme zenuwpartij wordt. Natuurlijk de kans is het grootst dat Landstede wint, maar vlak een desperaat Leiden zeker niet uit.

Historie
Qua resultaten heeft deze finaleserie eenzelfde verloop als de serie in het seizoen 1981-1982 tussen Den Bosch en Donar. De Groningers wonnen de eerste in Den Bosch (88-90), vervolgens won Den Bosch in Groningen (91-92) en daarna won Donar weer in Den Bosch (83-85) om vervolgens in de vierde wedstrijd thuis -voor het eerst- kampioen van Nederland te worden (79-78).

Tot nu toe heeft de finaleserie ook veel weg van die van 2023 tussen Leiden en Donar. De eerste vier duels werden in die serie gewonnen door de bezoekende ploeg. Leiden won toen het vierde duel in Martiniplaza met 23 punten verschil (45-68). De laatste was die legendarische waarin Leiden in 161 seconden een achterstand van 16 punten goedmaakte.

In de geschiedenis van het Nederlandse play-offbasketbal zijn finales geweest met zowel best-off-three, five en seven. Om de situatie van nu enigszins te vergelijken qua druk pak ik de best-of-five en sevenseries uit het verleden.

Wedstrijd 4 in een best-of-fiveserie is elf keer gespeeld:

  • Thuiswinst: 7x
  • Uitwinst: 4x  

In zes gevallen werd het kampioenschap beslist na wedstrijd 4, vijf keer kwam er een vijfde duel.

Wedstrijd 6 in een best-of-sevenserie werd vijftien keer gespeeld:

  • Thuiswinst: 8x
  • Uitwinst: 7x

Ook hier werd in zes gevallen een kampioen gehuldigd, negen keer kwam er nog een duel.

Zo’n ‘beslissende -een na laatste- wedstrijd’ werd dus in 42% van de gevallen door de bezoekers gewonnen. Historisch gezien wint de bezoekende ploeg in dit soort wedstrijden dus aanzienlijk vaker dan in een gemiddelde play-offwedstrijd (35%).

De foto bij dit artikel is van Marja van Tilburg-de Lange.

Play-offs 2026: Landstede wint weer in en van Leiden

Landstede is na de winst in Leiden zondag (61-75) nog één overwinning verwijderd van het landskampioenschap. De ploeg uit Zwolle legde de basis voor de winst in wedstrijd drie van deze serie in een beresterk derde kwart (13-25). Opmerkelijk is dat in alle drie de duels telkens de bezoekende ploeg won.

Landstede won woensdag de eerste wedstrijd in Leiden (68-86). ZZ Leiden won vrijdag het tweede duel in Zwolle (59-61). Na dat duel was er controverse over de laatste aanval van Leiden waarin de 24-secondenregel overschreden zou zijn.

Het affiche voor de finale van de play-offs om het landskampioenschap in de BNXT-league is een van de meest verrassende in jaren. Nummer drie ZZ Leiden neemt het op tegen nummer vijf Landstede. De teams zijn op papier goed aan elkaar gewaagd. Het gaat om een best-of-fiveserie. Voor baanvang van de play-offs was er geen uitgesproken favoriet, Het uitgeschakelde Heroes was de titelverdediger.

Game 1 ZZ Leiden – Landstede 68-86
Game 2 Landstede – ZZ Leiden 59-61
Game 3 ZZ Leiden – Landstede 61=75

Stoïcijns door blijven gaan en dan komt het goed, dat leek het motto van Landstede in Leiden. Het was in de eerste helft niet goed en de voor die ploeg zo belangrijke driepunter viel heel lang niet. Zwolle begon zelfs met nul op tien driepunters. Leiden, dat sloom oogde en absoluut slordig was, kon door de Zwolse missers in de eerste helft blijven volgen, ook omdat het zelf een reboundoverwicht had. Toen coach Gaelle Bouzin bij Landstede in de rust de spreekwoordelijke puntjes op de ‘i’ had gezet, leek de ploeg weer als vanouds.

Een kleine achterstand (42-40) werd na een run (0-13) in vier minuten omgezet in een ruime voorsprong (42-53). Zonder heel goed te spelen, wat ook niet nodig was tegen dit Leiden, werd de run uiteindelijk heel groot (5-23) en beslissend.

Het spel van Landstede was effectief omdat de aanval efficiënter werd en het balverlies minder (totaal 13 keer balverlies, 6 in de 2e helft en FG percentage van 44%). Verdedigend hield de ploeg  de paint redelijk dicht en Leiden, dat met dezelfde symptomen als in de eerste bleef kampen (17 keer balverlies en FG percentage van 35%), uitdaagde om van buiten te schieten. Die ploeg kon verdedigend geen vuist maken en trapte in de val. Zwolle won uiteindelijk comfortabel zodat het woensdag in eigen huis voor de tweede keer in haar geschiedenis kampioen kan worden.

Landstede had vier spelers in de dubbele cijfers, Boyd van der Vuurst de Vries was topscorer met 15 punten (5/8 FG, 3/4 driepunters) met nog 3 rebounds en 3 assists.

De voor Leiden belangrijke, maar geblesseerde Javian Mc Collum (17 punten gemiddeld) probeerde het wel deze wedstrijd, maar werd na vijf minuten naar de kant gehaald. Hij heeft nu één dag extra rust voordat de volgende wedstrijd is.

Game 4 Landstede – ZZ Leiden woensdag 10 juni
Game 5 ZZ Leiden – Landstede vrijdag 12 juni (mits noodzakelijk)

Had laatste score ZZ Leiden wel mogen tellen?

Het lijkt er sterk op dat de laatste score van ZZ Leiden vrijdagavond in Zwolle niet had mogen tellen. ZZ Leiden won van Landstede (59-61) en trok zo de stand in de serie gelijk.

Voordat Jibbe Sicking de aanvallende rebound pakte en de winnende score maakte, lijkt Maconda de 24-secondenregel te overtreden. Maar het is moeilijk te zien en ik moest de tijd nemen om heel nauwkeurig in te zoomen. Iets wat de scheidsrechters met de apparatuur van de BNXT, onder druk van de wedstrijd, niet kunnen.

Duidelijk is dan dat op 0.1 seconden voor het einde van de schotklok de bal nog in de handen is van Maconda. Door het inzoomen wordt het beeld niet scherper, maar op 0.0 lijkt de bal ook nog in zijn handen. En een fractie later laat hij de bal van zijn vingers rollen.

Was de overtreding door de scheidsrechters geconstateerd dan had Landstede balbezit gekregen met een gelijke stand (59-59) en nog iets meer dan 4 seconden te spelen.

Zondagmiddag is de derde wedstrijd in de serie, dan in een uitverkocht Leiden.

Play-offs 2026: Leiden wint in slotseconde van Landstede, stand serie gelijk

ZZ Leiden heeft de tweede wedstrijd in de finaleserie tegen Landstede gewonnen (59-61). De winnende bal kwam twee seconden voor tijd uit handen van Jibbe Sicking na een aanvallende rebound.

Op het parket in Zwolle waren twee hele andere teams te zien dan in het eerste treffen dat Landstede won in Leiden (68-86).

Het affiche voor de finale van de play-offs om het landskampioenschap in de BNXT-league is een van de meest verrassende in jaren. Nummer drie ZZ Leiden neemt het op tegen nummer vijf Landstede. De teams zijn op papier goed aan elkaar gewaagd. Het gaat om een best-of-fiveserie. Voor baanvang van de play-offs was er geen uitgesproken favoriet, Het uitgeschakelde Heroes was de titelverdediger.

Game 1 ZZ Leiden – Landstede 68-86
Game 2 Landstede – ZZ Leiden 59-61

Het tweede duel in deze serie was er één met twee gezichten. De eerste helft was overduidelijk voor ZZ Leiden (29-42). De tweede helft was voor Landstede (30-19), maar de thuisploeg lukte het uiteindelijk niet om de inhaalrace te bekronen met een overwinning. Na een moeizame laatste aanval van Leiden ging een lay-up van Maconda mis, maar was het de 21-jarige Sicking die heel Zwolle te slim af was. Hij stond op de goede plek voor de rebound, pakte die en scoorde. Na de time-out kreeg Boyd van der Vuurst de Vries de laatste bal van de wedstrijd in handen, maar zijn lay-up onder druk ging mis.

Leiden begon niet goed aan de wedstrijd, maar de bank onder aanvoering van Roeland Schaftenaar zorgde er in het tweede kwart voor dat Leiden scherper werd en een comfortabele voorsprong kon nemen. Landstede was veel te slordig en niet alleen door de Leidse verdedigende druk. 15 keer balverlies voor Zwolle en maar 3 voor Leiden zorgden ervoor dat Leiden bij rust 38 schotpogingen had en Zwolle maar 20. Na rust spiegelde het spelbeeld eigenlijk. Langzaam maar zeker vond de thuisploeg ritme, zeker ook verdedigend en Leiden had daar grote moeite mee. Vlak voor tijd kwam de thuisploeg voor het eerst op voorsprong (59-57) en leek de remontade bekroond te worden. Daarna was het Scott-Grayson die de stand gelijk trok voordat Sicking (10 punten, 3 rebounds en +/- +17), die samen met Schaftenaar (5 punten, 7 rebunds, 5 assists en +/- +18) de uitblinker was aan Leidse zijde, het duel besliste.

Dat Landstede zich verdedigend terug in de wedstrijd knokte was knap, zeker ook omdat de driepunters, die zo belangrijk zijn voor hun spel, niet uit de verf kwamen. 5/20 is te mager. Leiden schoot 9/26. Uiteindelijk won Leiden, de typische play-offwedstrijd, die niet goed, maar wel spannend was, omdat het minder slordig was. Minder slordig dan in wedstrijd één en minder slordig dan Landstede in dit duel. Zwolle had 22 keer balverlies, daar scoorde Leiden 23 punten uit. Andersom had Leiden 14 keer balverlies en daar maakte Landstede 13 punten van. De bank van Leiden had 25 punten die van Zwolle 13.

Haskin had voor Landstede een double-double met 13 punten en 10 rebounds. Boyd van der Vuurst de Vries, de uitblinker van wedstrijd één, had 7 punten met 5 rebound en 4 assists.

Game 3 ZZ Leiden – Landstede zondag 7 juni
Game 4 Landstede – ZZ Leiden woensdag 10 juni
Game 5 ZZ Leiden – Landstede vrijdag 12 juni (mits noodzakelijk)